Pro Republica  republiek republikanisme AERM logo
 
Voorpagina Archief Leo Brabanticus Media-archief Boekbesprekingen Contact Links Zoeken Colofon rss Favoriet Disclaimer    
 

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief.


Stuur dit artikel door    print-vriendelijke-versie

Leo Brabanticus 172, 31.01.2010

Leo Brabanticus

Ook NRC omhelst de ontbernhardizering

Pro Republica heeft van meet af aan gepleit voor een ont-bernhardizering van de Nederlandse samenleving. Met onze kennis van nu is dat even begrijpelijk als destjds - zeg maar vanaf 1936/1937 - de naamgeving van Lippe in de Nederlandse gemeenten is begonnen. In de eerste plaats was toen - en nog heel lang daarna - zelfs de eenvoudigste burger ervan overtuigd dat de dynastie Mecklenburg-Schwerin ons van God gegeven was, dat dat Duitse huis voor heel Nederland het enig samenbindende en dus onmisbare cement was, en dat de enige hoop voor continuering van het toen noodzakelijk geachte staatsrechtelijke ornament bestond uit de aanwezigheid van Juliana Mecklenburg-Schwerin, wier grootste aantrekkelijkheid bestond uit haar geld, aanzien en macht. Dat verdroot het Nederlandse volk natuurlijk uitermate.

Toen dan toch nog eindelijk een huwelijkskandidaat gevonden was, kende het geluk(?) van de Nederlandse bevolking, opgejut door ervaren volksmanipulatoren als politici, kerkleiders, schoolmeesters, werkgevers, winkeliers en journalisten, geen grenzen. De man in kwestie kwam dan wel uit een nauwelijks bekend staatje, was zo arm als een kerkrat - hoewel hij nauwelijks ter kerke ging - maar was wel van adel, wat dat woord dan ook impliceerde. Vooral belangrijk was echter dat er nu een vent voor Juul was, en wát voor een vent. Het onderzoek naar zijn antecedenten schijnt niet al te zorgvuldig te zijn geweest. Wellicht was de regering benauwd dat de verhoopte echtgenoot het dan al direct voor gezien zou houden, wat achteraf even begrijpelijk als onbegrijpelijk zou zijn geweest. De man was immers zowel een notoire schuinsmarcheerder als van de geldduivel bezeten.

Hoe dan ook, de man werd gelanceerd door hof en Colijn. Het minste wat het volk kon doen was de straat op te gaan van blijdschap en de gemeenteraad te pressen - voor zover nodig - een straat, plein of plantsoen naar de geliefde 'prins' te noemen. Lippe moet niet geweten hebben wat hem overkwam. Hij had alleen gerekend op een vette buit en zie, hij werd een ware volksheld zonder dat hij er ook maar iets bijzonders voor had gedaan. Inderdaad heeft hij een uitgebreide progenituur nagelaten.

De bernhardizering was niet met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog afgelopen. Integendeel, de brutale schurk had zich tijdens de oorlog tot generaal-commandant laten benoemen en zat met een geleerd gezicht in de geallieerde oorlogsraad of zoiets. Ook was hij opperbevelhebber van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten en directeur-generaal van de Irene-brigade. Wat de schavuit tijdens de oorlog allemaal uitgevreten heeft, is altijd voor het Nederlandse volk geheim gehouden. Zelfs de parlementaire enquêtecommisie die na 1945 werd ingesteld om de Nederlandse regering in Londen de maat te nemen, is omzichtig om Lippe heengelopen. Anders zouden er grote problemen kunnen zijn ontstaan met de koninklijke onschendbaarheid. Het is ongelooflijk maar wel waar. Mijn voortreffelijke collega Biesemaat hier ongetwijfeld nog eens achteraan gaan.

De bewondering voor 'Pappie' liep in elk geval na 1945 nog erger dan vroeger de spuigaten uit. Drees, de man van de koloniale oorlogen, heeft het ook op het terrein van de monarchie lelijk laten liggen. En dat - moet je je voorstellen - was lang vóórdat Kok het socialisme zijn rode veren uittrok. In alle geval werden ook in de nieuwbouw straten naar 'Pappie' genoemd. Deze periode was zelfs het hoogtepunt van de Bernhardizering.

Dan blijft het een hele tijd stil op dit front. Tot in de tweede helft van 2009 het grote ontwaken van het Nederlandse Republikeinse denken plaatsvond. Er is al veel daarover gefilosofeerd. We moeten het allemaal nog eens goed onderzoeken. Feit is in elk geval dat het republicanisme in Nederland nooit helemaal afgestorven is geweest. Altijd waren er groepen en groepjes republikeinen. Hulde voor hun moedige poging de strijd tegen de Van Amsbergers aan te binden, zij het dat deze wel erg braaf en kneuterig gevoerd werd. Bovendien bereikten zij de massa van het volk niet, dat in de tijd van de ontzuiling met de dag mondiger was geworden. Vervolgens was de communicatie via een modern middel als internet nog niet ver genoeg gevorderd. Tenslotte was de dynastie die als gevolg van kritiek en pressie uit het volk nog nooit zo onzeker en zenuwachtig geweest dat zij fouten op fouten beging. Het was duidelijk dat de monarchie aan haar natuurlijk einde was en in een sneltreinvaart op Père-Lachaise afstoomde. Omdat de nieuwe republikeinen handig op de blunders van die kwakende maar wankelende dynasten inspeelde, legden zij de zwakte van de Van Amsbergers genadeloos bloot. Inmiddels kunnen we met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid zeggen dat de republiek binnen korte tijd zal worden geproclameerd. Het laatste zittende staatdhoofd stelt haar abdicatie niet voor niets iedere keer opnieuw uit, omdat het doodsbenauwd is dat het daarmee de lucifer bij de lont zal houden. Kabinet en Kamer bibberen als jufferhondjes voor het republicanisme, wellicht juist omdat het zo gematigd en vredelievend is. Ook nu groeten wij weer onze tegenstanders - maar niet onze vijanden - vanaf deze plaats allervriendelijkst. Een andere reden kan de voorspelde grote electorale winst bij de volgende verkiezingen zijn, nu al voorzien door de opinie-onderzoekers.

Eén van de republikeinse ideeën was, zoals gezegd, de ontbernhardizering. Nog vóórdat republikeinse burgers de gemeenteraad beleefd verzoeken hun straten en pleinen van de naam Bernhard te ontdoen, neemt een vooraanstaand dagblad als NRC-Handelsblad het voortouw om ook het cultuurfonds dat naar die man genoemd was, te ontluizen. 'Die naam kan echt niet' schrijft de krant letterlijk. Daarmee verheft deze gerenommeerde krant het oorspronkelijke plan van Pro Republica om straten en plantsoenen en passant ook de plaatselijke fanfares en harmoniën van deze verfoeilijke naam te ontdoen, tot een nationaal niveau. Hulde daarvoor. Het meeste trof echter nog dat de auteur niet alleen tegelijk een andere naam voorstelde maar tevens daavan opmerkte: 'daar kunnen we ook na de monarchie nog jaren mee toe'.

Het NRC heeft Pro Republica daarmee links ingehaald. Ook daarvoor onze grote waardering.




Pro Republica doet haar uiterste best om alle rechthebbenden van tekst- en beeldmateriaal
gebruikt op deze website te achterhalen en te vermelden. Eventuele rechthebbenden die niet
vermeld zijn kunnen zich wenden tot Pro Republica. Waar gebruik is gemaakt van materiaal
van derden hebben wij getracht te achterhalen bij wie de rechten liggen volgens de
wettelijke bepalingen. Desondanks kan het voorkomen dat het materiaal niet voor publiek
gebruik is vrijgegeven. Uiteraard zullen wij dit materiaal op verzoek zo snel mogelijk
verwijderen indien daarvoor gegronde redenen bestaan.

Reageren? Lees eerst onze huisregels.
Uw reactie wordt gemodereerd. Om er zeker van te zijn dat u een persoon bent en geen spam-robot,
vragen wij u voor het reageren een eenvoudige rekensom op te lossen.


Plaats een reactie
 
naam
e-mail
Commentaar
 
  Maak de som af: "vijf plus een is"   
 


republiek republikeins koningin beatrix monarchie vs republiek rijks voorlichtingsdienst prins willem alexander