Pro Republica  republiek republikanisme AERM logo
 
Voorpagina Archief Leo Brabanticus Media-archief Boekbesprekingen Contact Links Zoeken Colofon rss Favoriet Disclaimer    
 

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief.


Translate this page

Stuur dit artikel door    print-vriendelijke-versie
  
Vaderlanden en nationale identiteiten bestaan niet; wie anders beweert, liegt. Deel 2
Dr. C.V. Lafeber

Zoals we in Deel 1 gezien hebben, leeft er - in het ene gewest sterker dan in het andere - een provincialisme, een vergroot en veredeld Heimatsgevoel, een verbondenheid met de streek waar de wieg heeft gestaan, de schoolvriendjes woonden en het graf van de ouders zich bevindt. In wezen is dat een gezond gevoel. Laat dat zo blijven. Niet wat groot en machtig is, is beautiful maar juist wat klein is en zwak lijkt. Ik kom er eerlijk voor uit voorstander te zijn van kleine leef- en werkgemeenschappen. De grote onpersoonlijke stad irriteert me, ook al heeft die grote voordelen, zoals ook mammoetziekenhuizen en universiteiten met duizenden professoren en tienduizenden studenten. Maar ik koester dorpsgemeenschappen, de kleine school, de winkel op de hoek, de parochiekerk, de locale voetbalclub. Ook landen behoren klein te zijn, zodat ze hun buren niet lastig vallen met agressieve bedoelingen en zéker niet met imperialistische gedachten rondlopen.

Helaas hebben tijdens de periode die we die van de 'nieuwe geschiedenis' noemen - hier sluit ik aan bij mijn eerste verhaal - de dynasten, tot wie we ook gekozen presidenten kunnen rekenen, die alles op alles gezet hebben om hun land steeds groter, rijker en machtiger te maken, waarbij zij werden gesteund door generaals en wapenproducenten. Legers en vloten werden uit de grond gestampt. Om die te kunnen bekostigen en te bemannen moest het volk ervan overtuigd worden hoe uniek de natie wel was, waar hij/zij door geboorte terecht gekomen was, hoezeer die natie immer bedreigd werd door die schurken van de overzijde en hoeveel waard zij was dat de mensen hun leven over hadden voor die natie, voor die hen beschermende monarch en voor de hele clan die hij verwekt had. Het leger heette 'la grande patronne qui nous baptise tous Français' (Wesseling, Frankrijk 112: lees dat boek ) en in het Reich werd de bevolking constant voorgehouden dat 'den Deutschen gehört díe ganze Welt'. Vanzelfsprekend was het onderwijs voor de oorlogshitsers de eerste en gemakkelijkste prooi geweest. De Franse republiek (!) voerde in 1880 de 'esprit militaire' in de scholen door welke de leerlingen er voortdurend moest herinneren aan de gezamenlijke - dat wil zeggen door alle Fransen - gevoerde veldslagen en het gemeenschappelijk in de oorlogen vergoten bloed.

In het Reich werd aan het vak geschiedenis de gewichtige taak toebedeeld in de harten van de opgroeiende jeugd trouw aan het vorstenhuis, liefde voor het vaderland en haat jegens de volksmisleiders bij te brengen. Vooral de socialisten heetten opruiers die de arbeiders bedrogen met hun verhalen als zouden zij door de hogere standen worden uitgebuit of schavuiten die het geliefde vorstenhuis - die door God zelf waren gezonden om, zichzelf wegcijferende, alleen ten bate van het volk dag en macht te werken - te vermoorden. Zoals in het tegenwoordige Nederland de familie garnaal zich voordoet als 24 uur per dag en 365 dagen per jaar zich te pletter werkend - nu zijn ze weer in Bariloche - voor het Nederlandse volk, zo was de Kaiser 'der grosse sorgende Vater'. Wat die man allemaal voor zijn volk deed en dan vooral voor de armen en noodlijdenden. Fantastisch gewoon. De man was een weldoener van de arbeiders (Speth, Nation und Revolution 259-288).

Zo werd het beeld geschapen van de ene en eensgezinde en voortreffelijke natie, waarvoor het niet alleen een plicht maar ook een eer was zijn leven voor over te hebben. Nergens was het gras groener dan 'bij ons'. Nergens waren de mensen intelligenter, de vrouwen liever, de scholen beter en de voorzieningen voortreffelijker dan 'bij ons'. Nergens deden buren elkaar overlast aan, nergens vervuilden honden het publieke domein, nergens werd armoede of honger geleden. Een heerlijk land dus, dat van ons. 'Ubi patria, ibi bene', heette het: 'waar het vaderland is, daar is het goed', ook al was het er nog zo slecht en smerig.

Natuurlijk is het nauwelijks voorstelbaar dat nadenkende mensen zich ten oorlog laten slepen omdat iemand beweerde dat oorlogvoeren een nuttige en door God gewilde noodzakelijkheid was. Hoewel niemand die baarlijke waanzin geloofd kan hebben, ligt er het onomstotelijke feit dat miljoenen en miljoenen al dan niet als 'diensplichtigen' ten oorlog zijn getrokken en wel - naar gezegd wordt - enthousiast en blij. De machten der duisternis, die de mensen in domheid en dood onderdompelen, waren en zijn overweldigend en geraffineerd. Tegen de - ook financiële - macht van het kwaad staan vredelievende en verstandige burgers machteloos.

Denkt niet, lezers, dat die dwaasheden alleen hij grote landen gesignaleerd worden. Nederland is geen haar beter met onze Piet Hein en Tromp, met Coen en Van Heutsz, met Drees (ja ja, hij ook) en Beel, met Spoor en Luns en in de tegenwoordige tijd met Jan Peuter Balkenende die de VOC verheerlijkt, de levensgevaarlijke Jack de Vries die alsmaar wapens koopt en voor wie de straten niet genoeg groen van 'das Militär' kunnen zijn en om nog te zwijgen van die Verhagen, die zich niet schaamt om smerige oorlogshandelingen de naam vredesoperaties te geven. Christenen van welke obedientie ook, zijn wat dat betreft geen haar beter dan niet-christenen: ze denken niet na, kennen hun geschiedenis niet, liegen er maar op los en zijn niet alleen bestemd voor een schandpaal in de historie maar ook - als ik het voor het zeggen had, wat niet het geval is - voor enkele jaartjes hellevuur.

De superioriteit van 'onze' doelstellingen impliceert natuurlijk de inferioriteit van de andere landen, vooral die met welke ' wij' ín oorlog zijn. In de Indonesische vrijheidsoorlogen heette het dat wij 'onze christelijke cultuur' - lees: petroleum-, koffie-, thee-en rijstbelangen - moesten verdedigen tgen de perfide communisten, dat Nederlands Oost-Indië - de naam zei het al - ' van ons' was, dat wij de christenplicht hadden Nieuw Guinea te beschaven.

In de Koude Oorlog liep de Nederlandse natie blindelings achter de Amerikaanse natie aan en zijn er miljarden weggesmeten aan wat idioten in Washington terwille van hun macht, rijkdom en aanzien noodzakelijk achten.Niet alleen het onderwijs en de kerken deden aan die blinde natie-waanzin mee, ook onze vrije pers, onze geleerden en onze andere cultuurdragers.

Om de steun voor de waanzinnige natie-ideeën zo breed mogelijk te doen zijn, is in deze perode avn de nieuwe geschiedenis het begrip natie dus die funeste lading gegeven die de mensheid in de diepste ellende heeft gestort. Tijdens alle oorlogen in deze lange periode zijn in alle landen aparte bureaux opgericht onder een speciaal ministerie van propaganda met als enig doel de bevolking stelselmatig te bedriegen over de eigen nationale kwaliteiten alsook over de slechtheid van de tegenstander, terwijl bovendien erbij verteld werd hoe voortreffelijk 'onze' oorlogvoering verliep - de vijanden sneuvelden bij bosjes alleen al als ze 'onze' troepen zagen naderen - en hoe te verwaarlozen klein de eigen verliezen waren. Volgens een oud gezegde is,'wanneer er een oorlog uitbreekt, de waarheid het eerstr slachtoffer'(Thimme, Weltkrieg 148).

Beseffend dat de buitenlandse vijand niet alleen fysiek moest worden neer gemaaid, maar dat ook diens moreel diende te worden gebroken, waren propaganda en censuur - embedment is het moderne verhullende woord - minstens even gevaarlijke wapens als vliegtugen, gas en tanks. Op dezelfde wijze als reclame de slechtste producten - onbruikbare huishoudelijke apparaten, hoogstgevaarlijke medicijnen of onvruchtbaaar land - kan verkopen, mits deze zaken maar 'goed' gebracht worden, zo verkoopt de propaganda waardeloze presidentskandidaten, waanzinnige oorlogen en gigantische blunders als succesnummers. Nergens wordt behalve aan royalty meer verdiend dan aan oorlogen en de voorbereiding daarvan. Studenten de een afstudeeronderwerp zoeken, behoeven nimmer te wanhopen.

De moderne vaderlanden en de nationale identiteiten zijn een uitvinding van de machten der duisternis. Er bestaan geen vaderlanden en geen nationale identiteiten, ook al doen de regeerders nog zó hun best om hun product te verkopen. Vlaggen mogen nog zo aangeprezen worden, ze zijn niet meer dan stukken textiel die misbruikt worden om iets te symboliseren dat niet bestaat. Hetzelfde moet gezegd worden van de volksliederen. Van Amsberg heeft enkele jaren geleden - tevergeefs overigens - geprobeerd het Wilhelmuis voor zichzelf te reserveren. Op gelijke wijze als haar moeder destijds journalisten met haar tasje buiten het hek joeg, alsmaar krijsend 'dat het mijn gras, mijn tuin' was, zo verkondigde haar dochter zonder blikken of blozen dat het Wilhelmus 'van haar' was en dat het niet gespeeld mocht worden buiten haar afwezigheid en zonder haar toestemming. Je vraagt je af waar dat mens de schaamteloosheid vandaan haalde zulke onzin te beweren. Er is immers niets van haar bij of het kan door minstens 100.000 nazaten van Willem eveneens worden gepostuleerd.

Laat ik dit van het Wilhelmus zeggen: het is een schitterend document contemporain waaraan ik met genoegen veel colleges heb gewijd. Een volkslied is het nooit geworden. Daar is het te moeilijk, te lang en te onduidelijk voor. Bovendien is het misbruik om als symbool van de natie te dienen. De redenering was kennelijk: als er een volkslied is, bestaat er automatisch ook een natie. Sinds de natie en wat erger is, sinds Van Amsberg het opeiste, is het nietszeggend geworden. Rond nationale vlaggen en nationale volkshymnes - en niet alleen de Nederlandse - hangt een bloedlucht van onschuldige mensen. Ik moet overigens hieraan toevoegen dat het 'allons, enfants de la patrie' en het 'Deutschland über alles' veel schunniger volksliederen zijn. Het Wilhelmus heeft iets Erasmiaans, iets groots en niets nationalistisch. Dat is er ook niet aangegroeid doordat een of andere dwaas het wilde nationaliseren.

Tot slot dit: in de roman 'Der mensch ist gut' van Leonard Frank verneemt een jonge vrouw dat haar echtgenoot-soldaat zichzelf - zo heette dat miljoenenvoudig - had opgeofferd op het altaar van het vaderland. 'Geofferd heeft op het altaar van het vaderland'. 'Al-taar-van-het-va-der-land', ze proeft als het ware de woorden met haar tong, kijkt in de verte en probeert zich het vaderland voor te stellen. Ze kon het niet (Whalen, Bitter wounds, 30). Niemand weet wat het altaar van het vaderland is, noch wat het vaderland zelf is. Frank wilde er best een definitie voor verzinnen: het vaderland is een fantoom dat de mens - zich homo sapiens noemend- heeft bedacht maar nooit tot zijn einde heeft kunnen uitdenken.

Een andere begripsduiding kan zijn: 'het vaderland kost 12 mark - of minder - per maand'. Dat was de tekst op borden waarmee na de oorlog invaliden tijdens een grote demonstratie door de straten van Berlijn paradeerden. Uit alle delen van Duitsland waren ze per trein aangevoerd. De leider was een man zonder armen en benen in een bakfiets, heersend als een vorst over de rotzooi waar hij op lag. Daarachter duizenden mannen in hun oude en vieze front-uniformen. Mensen zonder armen, zonder benen, zonder neus; blinden, begeleid door een hond; mensen met opengereten gezichten en verbrijzelde kaken. Daarna kwamen de neurotici met hun trillende lichamen' (id. 124-5). Zij allen waren 'ten oorlog' uitgetrokken'. En voor de monarch...

Daarom, dierbare lezers, ben ik republikein geworden. En u?





ProRepublica doet haar uiterste best om alle rechthebbenden van tekst- en beeldmateriaal
gebruikt op deze website te achterhalen en te vermelden. Eventuele rechthebbenden die niet
vermeld zijn kunnen zich wenden tot ProRepublica. Waar gebruik is gemaakt van materiaal
van derden hebben wij getracht te achterhalen bij wie de rechten liggen volgens de
wettelijke bepalingen. Desondanks kan het voorkomen dat het materiaal niet voor publiek
gebruik is vrijgegeven. Uiteraard zullen wij dit materiaal op verzoek zo snel mogelijk
verwijderen indien daarvoor gegronde redenen bestaan.

Reageren? Momenteel is het door een technische storing niet mogelijk te reageren. Hier wordt aan gewerkt. 
Wel is het mogelijk via email te reageren. Excuses voor het ongemak.
Om te reageren klikt u HIER.
republiek republikeins koningin beatrix monarchie vs republiek rijks voorlichtingsdienst prins willem alexander