Pro Republica  republiek republikanisme AERM logo
 
Voorpagina Archief Leo Brabanticus Media-archief Boekbesprekingen Contact Links Zoeken Colofon rss Favoriet Disclaimer    
 

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief.


Translate this page

Stuur dit artikel door    print-vriendelijke-versie
  
Tripolitaans cynisme
de webredactie

Herman Pleij, 29 april 2010

Ofschoon soms als argument voor de monarchie wordt aangevoerd dat het een begrijpelijker politiek bestel dan een republiek zou zijn, ligt dat bij ons juist omgekeerd. De bestuurlijke vertroebelingen en de oncontroleerbaarheid van het notoire misbruik van publieke middelen door één enkele familie maken juist dat wij helemaal niets van de monarchie begrijpen. Om dat rare middeleeuwse bestuurlijke relict nog wat verder inzichtelijk te maken werd onlangs aan dat rijtje argumenten nog iets toegevoegd dat niet alleen curieus, maar minstens dubbel zo cynisch is. Emeritus hoogleraar Historische Nederlandse Letterkunde Herman Pleij sprak bij Pauw en Witteman de verwachting uit dat er voor de monarchie nog een grote toekomst zou zijn weggelegd vanwege de, zoals hij dat noemde, 'troostfunctie'. Rampen zoals dijkdoorbraken, exploderende fabrieken maar ook vliegtuigongelukken zoals destijds in de Amsterdamse Bijlmer - het zijn alle voorvallen, die 'God zij geprezen', aldus Pleij, de monarch dé gelegenheid bij uitstek bieden om te kunnen troosten. Deze functie zou zelfs steeds belangrijker worden en daardoor het voorbestaan van de monarchie waarborgen. Bij wijze van toefje op zijn morbide slagroomtaart voegde de hooggeleerde er nog een schietgebedje aan toe, dat volgens hem sinds koning Willem III binnen de paleismuren gepreveld zou worden: 'Geef ons heden ons dagelijks brood en elke tien jaar een watersnood'. Tijdens de televisie-uitzending haalde ADHD-professor hier weliswaar de lachers (sic!) mee op zijn hand, maar nu is het ernst. De recente ramp in het Libische Tripoli is hele bittere ernst, en daarover hebben wij nu twee vragen aan de heer Pleij.

 

Radio 1, 12 mei 2010

Inmiddels heeft mevrouw Van Amsberg bij monde van de RVD laten weten 'met ontzetting kennisgenomen te hebben van het vliegtuigongeluk in Tripoli en de slachtoffers die zijn gevallen' en zij 'leeft intens mee met de nabestaanden van de overledenen'. Dat mevrouw niet hals over kop naar Libië afreist is heel goed voorstelbaar, maar ongetwijfeld zal zij aanwezig zijn bij een komende rouwdienst wanneer eenmaal alle stoffelijke overschotten zijn gerepatrieerd.
Onze eerste vraag aan professor Pleij: waarom zouden dergelijke formaliteiten, zoals de mededeling 'intens mee te leven' en de waarschijnlijke aanwezigheid bij een komende rouwceremonie, exclusief voorbehouden zijn aan een gekroond staatshoofd? Zou een president van een willekeurige republiek, louter omdat hij of zij gekozen is, een dergelijke functie minder adequaat kunnen vervullen? Overigens, in onze perceptie is de afgegeven verklaring op deze ramp van mevrouw Van Amsberg niet over te waarderen als meer dan een formaliteit. Dat hoeft het overigens niet minder oprecht te maken, laat dat gezegd zijn. Ons punt is echter, de bijzondere en exclusieve betekenis die Pleij toekent aan de verklaring van mevrouw Van Amsberg, omdat zij koningin is. Haar mededeling ligt in het verlengde van de uitspraak van een willekeurige Amerikaanse gouverneur dat 'de Israëliërs en Palestijnen in vrede en harmonie moeten samenleven', die inhoudelijk even nietszeggend is als het telegram van de Paus aan de Hutu's en Tutsi's 'dat zij moeten ophouden met vechten', omdat die bevolkingsgroepen op dat moment elkaar de hersens inslaan. De uitspraken zijn niet onwaar of onoprecht, maar inhoudelijk wel betekenisloos en daardoor niets-zeggend. Het is een formaliteit van een hoogwaardigheidsbekleder die zich aan de juiste zijde van het morele gelijk schaart en - voor de cynici - daar mogelijk op risicoloze wijze goede sier mee wil maken, meer niet. Het zijn uitspraken die geen enkel gevolg in de werkelijkheid hebben en waarvan tevoren reeds vaststaat dat er niemand zal zijn die er zich iets van aantrekt, en dat weet iedereen ook. Om die reden is het niet alleen niets-zeggend, maar bovendien ook volstekt irrelevant of die hoogwaardigheidsbekleder al of niet gekozen is. Er is niemand die ook maar één luttele seconde de illusie koestert dat de strijdende partijen zouden overwegen hun gewelddadigheden te staken omdat de Paus of een gouverneur dat zegt. Natuurlijk niet,- men zal er hoogstens wat meewarig de schouders bij ophalen. Netzomin zal een nabestaande zich meer getroost weten door de mededeling van de Rijks Voorlichtingsdienst over Beatrix' intense medeleven, omdat deze van een erfelijk gekroond staatshoofd afkomstig is.

 

Ernstiger - veel ernstiger - is de consequentie van de gevolgde argumentatie van de oranje-lakei Herman Pleij. Zoals 'watersnoden altijd ook heel geschikt zijn' impliceert zijn redenering dat een omvangrijke en diep-tragische gebeurtenis zoals deze ramp in Tripoli eveneens 'heel geschikt' zou zijn voor de koning om zijn of haar populariteit op te vijzelen, en op grond waarvan 'het koningshuis ook nog een grote toekomst heeft'. In verhouding tot het suffige zwaaien uit een koets en het oubollige koekhappen in Wemeldinge, is dit wel een zeer macaber middel van weergaloos cynische proporties.
Het is namelijk van tweeën één: ófwel mevrouw Van Amsberg vervult haar plicht als staathoofd, waarbij haar persoonlijke betrokkenheid naar onze mening niet opgewaardeerd behoeft te worden boven het louter formele aspect, wat het - het zij nogmaals gezegd - niet per se onoprecht hoeft te maken; ófwel zij beschouwt deze ramp op opportunistische wijze als een verhoord gebed en als een nuttig middel tot vervulling van 'die oude functie van koningen die troost brengen' om zodoende mee te helpen de monarchie overeind te houden.
Het onmetelijke leed van deze ramp overstijgt niet alleen iedere discussie over republiek of monarchie - een president zou deze 'troostende' taken net zo goed kunnen vervullen - het gehele dispuut is zelfs volstrekt irrelevant. De kern is, dat Professor Pleij in zijn hoedanigheid als pleitbezorger voor de monarchie, zijn vorstin een kennelijk sinistere dubbele moraal toedenkt, waar wij als Nederlands staatsburger - op zijn zachtst gezegd - nogal wat bedenkingen bij hebben. Deze twee vragen zullen wij de hooggeleerde heer dan ook doen toekomen, juist nu, nu zich deze ramp voltrokken heeft; nog geen twee weken na de presentatie van zijn bedenkelijke argument voor de monarchie. Want hoe zit het nu: troost Beatrix formalistisch-oprecht of met een cynische dubbele moraal?

Hoe het ook zij: met vrienden als Professor Herman Pleij heeft het koningshuis geen vijanden meer nodig.





ProRepublica doet haar uiterste best om alle rechthebbenden van tekst- en beeldmateriaal
gebruikt op deze website te achterhalen en te vermelden. Eventuele rechthebbenden die niet
vermeld zijn kunnen zich wenden tot ProRepublica. Waar gebruik is gemaakt van materiaal
van derden hebben wij getracht te achterhalen bij wie de rechten liggen volgens de
wettelijke bepalingen. Desondanks kan het voorkomen dat het materiaal niet voor publiek
gebruik is vrijgegeven. Uiteraard zullen wij dit materiaal op verzoek zo snel mogelijk
verwijderen indien daarvoor gegronde redenen bestaan.

Reageren? Momenteel is het door een technische storing niet mogelijk te reageren. Hier wordt aan gewerkt. 
Wel is het mogelijk via email te reageren. Excuses voor het ongemak.
Om te reageren klikt u HIER.
republiek republikeins koningin beatrix monarchie vs republiek rijks voorlichtingsdienst prins willem alexander