Pro Republica  republiek republikanisme AERM logo
 
Voorpagina Archief Leo Brabanticus Media-archief Boekbesprekingen Contact Links Zoeken Colofon rss Favoriet Disclaimer    
 

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief.


Translate this page

Stuur dit artikel door    print-vriendelijke-versie
  
Open brief aan Prof. Dr. C. Fasseur
Hans Vogel 1

Beste Cees,

Nu je bent gedagvaard door enkele personen die zich gekwetst voelen en aangetast in hun goede naam door wat je in je laatste boek schreef over hun vader, hoop ik dat het moment is aangebroken dat je je eindelijk eens rekenschap kunt geven van wat je sinds 1998 ons vak hebt aangedaan.

Wij kennen elkaar als collega's bij de (inmiddels opgeheven) Leidse Faculteit der Letteren, waar we allebei gespecialiseerd waren in onderzoek en onderwijs op het gebied van de niet-Europese geschiedenis. Jij 'deed' Indië, ik Latijns-Amerika. Inmiddels heet onze oude faculteit na een reorganisatie 'Faculteit der Geesteswetenschappen.' Ik vrees dat de naamsverandering niet echt een waarborg is voor het wetenschappelijk gehalte van het werk dat er wordt verricht. Geneigd als ik ben tot een dialectische kijk op de dingen, denk ik eerlijk gezegd dat de plechtige naam de daaraan tegengestelde werkelijkheid moet verhullen.

Ons vak, geschiedenis, behoort ook tot die 'geesteswetenschappen,' maar wij weten allebei natuurlijk dat geschiedenis eigenlijk geen wetenschap is. Je kunt er lang en breed over debatteren en er is een reusachtig corpus literatuur over wat geschiedenis nu eigenlijk is, maar één ding is duidelijk: hoe je het ook wendt of keert, geschiedenis is geen wetenschap. Althans niet zoals natuurkunde, scheikunde of biologie, die Wilhelm Windelband zo fraai als nomothetisch bestempelde. Ons vak behoort tot het oude trivium, of in de woorden van Giambattista Vico, de geschiedenis behoort tot het domein van de coscienza, niet van de scienza.

De geschiedenis mag dan geen wetenschap zijn, zij bedient zich wel degelijk van wetenschappelijke methodes. Je moet uiteraard methodisch en nauwkeurig werken. Je moet durven om onwelgevallige onderwerpen te onderzoeken en materiaal dat mogelijk de machtigen tegen de haren instrijkt, toch te gebruiken. Je moet immers zoveel mogelijk de verschillende kanten van alles wat ter discussie staat proberen te belichten. Dat moet je doen naar beste eer en geweten. (Let wel, de coscienza van Vico betekent toevallig ook: geweten!).

En vooral: je kunt geen historisch onderzoek doen zonder dat je onderzoek door anderen is na te trekken. Net als bij echte wetenschappen moeten de resultaten van je onderzoek immers verifieerbaar zijn. Alleen op die manier kan de kennis van en het inzicht in het verleden groeien. Ik weet dat je het met mij eens bent op al deze punten. Je hebt immers in Leiden gestudeerd in de jaren 1950, toen het onderwijs in Nederland nog niet was aangetast door modieuze flauwekul, Engelse terminologie en de allesvernietigende 'outputfinanciering.' In de jaren 1950 werd tenminste nog degelijk onderwijs gegeven aan studenten die een gedegen opleiding hadden genoten op het gymnasium of de HBS.

Toch wordt de studenten in elk geval ook nu nog bijgebracht wat er bij historisch onderzoek allemaal komt kijken. Net als jij indertijd leren de studenten van vandaag dat je als historicus vooral ook eerlijk moet zijn. Eerlijk tegen jezelf en eerlijk tegen je collega's en je publiek. Historisch onderzoek is een gewetensvolle bezigheid.

Eerlijkheid, Cees, is een van de belangrijkste eigenschappen van een historicus. In dat opzicht is de geschiedenis echt wetenschappelijk. Wie niet eerlijk is kan geen geleerde zijn. Eerlijkheid houdt bijvoorbeeld ook in dat je het werk van collega's die je niet kunt pruimen ook betrekt bij je onderzoek. Daar heeft Karl Popper het nodige over geschreven (falsificeerbaarheid van onderzoek). Wie niet eerlijk en oprecht is, en dus vanuit de verkeerde overwegingen handelt, wordt zoals Professor Sickbock of Dr. Müller. Die zaten inderdaad beter in het pak dan hun sjofele collega's Prlwytskovsky en Zonnebloem. Maar dit waren dan ook échte geleerden op zoek naar de objectieve waarheid, niet naar een politieke waarheid of een waarheid waar je op een andere manier een slaatje uit kunt slaan. Een goede historicus probeert een beetje te zijn zoals Professor Prlwytskovsky of Professor Zonnebloem.

Toen je in 1977 mevr. Meilinck-Roelofsz opvolgde als LUF-hoogleraar in de Geschiedenis van de Europese Expansie, betwijfelden sommigen of je die benoeming eigenlijk wel verdiende. Maar je hebt je uiterste best gedaan om je waar te maken. Inderdaad, op grond van degelijk onderzoek werd je uiteindelijk beschouwd als een autoriteit op het gebied van de geschiedenis van Nederlands-Indië in de 19de en 20ste eeuw. Weliswaar kon je bijvoorbeeld geen Javaans lezen, hetgeen volgens je discipel Vincent Houben eigenlijk een vereiste was voor wie werkelijk gezaghebbend wilde zijn op jouw vakgebied, maar je was wel zo verstandig daarvoor anderen in te schakelen.

Ik weet niet precies hoe en waarom medio-jaren 1990 het verzoek van het hof om een biografie van Wilhelmina van Mecklenburg te schrijven, op jouw bureau is beland. Het was logischer geweest als dat verzoek was gericht aan onze collega Jan Bank, hoogleraar vaderlandse geschiedenis, of desnoods aan een vakgenoot in Utrecht, Amsterdam, Groningen, Nijmegen of Rotterdam. Me dunkt, aan echte specialisten op het gebied van de vaderlandse geschiedenis geen gebrek in Nederland! De manier evenwel waarop jij je van de hoftaak hebt gekweten, zal wel de verklaring zijn waarom de keuze op jou is gevallen.

Je kreeg van mevrouw Van Amsberg exclusief toegang tot het 'Koninklijk Huisarchief' en schreef vuistdikke delen over het leven van oma Mecklenburg. Mijn hemel, Cees, het viel niet mee om die boeken te lezen! Ik merkte dat ik telkens na een halve bladzijde begon te knikkebollen. Mijn oogleden werden loodzwaar en ik moest echt vechten tegen de slaap. Al die details over de poppen van 'de jonge koningin,' de onnatuurlijke sfeer aan het hof, werden mij telkens teveel. En dan deel twee: hier weer dat obligate geleuter over Wilhelmina die moest 'uitwijken' naar Engeland. Cees, wees nou eerlijk: die biografie over Wilhelmina, dat is toch een witwasoperatie van de ergste soort? Een uit de hand gelopen reclametekst over een mevrouw die als een dief in de nacht met medeneming van het goud van de Nederlandsche Bank het land is uit gevlucht! Je kon natuurlijk niet anders, want ja, als het hof je vraagt kun je geen nee zeggen. Wat is dat trouwens met Nederlandse historici? Ik herinner mij dat Hans Blom, de ex-directeur van het RIOD/NIOD ook al eens verklaarde: 'het is maar goed dat ik geen meisje ben, want ik kan geen nee zeggen.'

Cees, je hebt relatief weinig echt negatieve kritiek gehad over die Boeketreeks-draak die je over Wilhelmina hebt geschreven. Nanda van der Zee, die je ongenadig zou hebben kunnen bekritiseren, was door jou al kaltgestellt met de hardste en laagste middelen. Daarmee had je het belangrijkste obstakel verwijderd dat in de weg stond van een algemene publicitaire adoratie. Voor de rest zijn er zo weinig mensen werkelijk geïnteresseerd in de meeste details van het leven van die landverraadster Wilhelmina, dat het niet eens de moeite was te verifiëren of het meeste wat je over haar schreef wel waar was. Misschien heb je braaf overgeschreven wat je in de mappen en dozen van het Koninklijk Huisarchief hebt gevonden (of wat ze je daar hebben laten zien). Wie zal het weten?

Je hebt aannemelijk proberen te maken dat Wilhelmina geen weet had van het lot van de joden in Nederland en je hebt de door Lou de Jong uitgewerkte mythe versterkt als zou de 'landsmoeder' zijn uitgeweken en niet op laffe wijze gevlucht. Dat waren de punten waar het mevrouw Van Amsberg om te doen was, en je hebt haar als een goede lakei op haar wenken bediend.

Zelf heb ik in het archief van het Ministerie van Buitenlandse Zaken stukken gevonden die een heel ander licht werpen op Wilhelmina. Zij wist wel degelijk donders goed dat het met de joden in Nederland niet de goede kant op ging. Dat wist zij zeker al in 1942. Ze kreeg hartverscheurende smeekschriften van in het nauw gedreven, doodsbange joden om toch vooral geld te sturen voor de aankoop van visa naar allerlei Zuid-Amerikaanse landen. Hoewel ze toch over een aardige voorraad goud beschikte, liet Wilhelmina haar lakeien (mensen zoals jij, Cees) hardvochtig antwoorden dat individuele verzoeken om hulp niet konden worden gehonoreerd. Maar toen de familie Laqueur, familie van de eigenaren van de (inmiddels gesloten) firma Organon, Wilhelmina om geld vroeg voor een visum, werd zonder dralen meteen een flinke bom duiten beschikbaar gesteld. Deze gegevens, alsmede een flinke hoeveelheid andere gegevens, ben ik zeven jaar geleden kwijtgeraakt in Argentinië, toen de flat waar wij op dat moment woonden werd overvallen door lui die waren bewapend met politiepistolen. Ik moet je eerlijk zeggen Cees, dat ik toen even heb gedacht dat de macht van de familie Van Amsberg wel erg ver reikte. Ik was namelijk bezig een boek te maken over de betrekkingen tussen Nederland en Argentinië tijdens de tweede wereldoorlog. Ook over de Argentijnse familie (en hun banden met de nazi's) van onze gemeenschappelijke kennis Felix Rhodius, had ik al veel materiaal verzameld. Het is misschien allemaal toeval, Cees, maar ik stel vast dat wie boeken schrijft met steun en goedkeuring van mevrouw Van Amsberg het heel wat gemakkelijker heeft dan wie het zonder moet stellen. Toch moet je me geloven als ik zeg dat ik niet graag in jouw schoenen zou staan.

Dat van die Wilhelmina-biografie was erg, heel erg Cees. Door je te laten gebruiken als tekstschrijver voor de dynastieke propaganda van mevrouw Van Amsberg heb je bijgedragen aan de uitholling van de reputatie van de historici in Nederland. Dat zijn wél jouw collega's, Cees! Je bent gewoon ingehuurd en ongetwijfeld tegen een tarief waarover de familie Van Amsberg zich nog jaren lang vrolijk zal maken. Had je dan geen beroepseer? En hoe zit het eigenlijk met je zelfrespect? Heb je op geen enkel moment gedacht: 'waar ben ik eigenlijk mee bezig?' Hoezeer jouw besluit om je te verhuren aan die lui funest is geweest, blijkt onder meer uit het gedrag van je protégé Michiel Baud. Toen Wim Kok indertijd een rapportje nodig had om Jorge Zorreguieta weg te houden bij het huwelijk van zijn dochter, is hij ook op maat bediend,- door Baud.

Cees, ik ben bang dat je zo ongelooflijk graag voor vol wilt worden aangezien dat je bereid bent daarvoor n'importe quoi te doen. Over Baud zei je destijds, nadat je hem had benoemd, ook al tegen mensen in de lift van het faculteitsgebouw: 'Weet je wel dat Baud van adel is? Hij is baron!' Wie dat belangrijk vindt, komt uiteraard ook graag op visite bij iemand die zich koningin noemt.

Ik begrijp heel goed dat mevrouw Van Amsberg verguld was met je werk. Erkenning! Van de hoogste in den lande! Van de koningin zelve! Dat is toch wat je wilde, Cees: erkenning? Het is alleen jammer dat een mens geen twee meesters tegelijk kan dienen. Was je dat soms vergeten? Daar zijn toch mooie en diepzinnige toneelstukken over geschreven, opera's ook. Je moet helaas altijd kiezen. Zoals onze collega Piet Emmer placht te zeggen: 'als je ergens voor kiest, kun je al die miljoenen andere dingen niet meer doen!' Jij hebt ervoor gekozen om de macht te dienen. En wie de macht dient, kan de wetenschap niet dienen.

Maar ik moet toegeven, als iemand heeft laten zien dat hij kan fasseuren, dan ben jij het wel. Je bent de beste fasseurder van Nederland. Beter dan Lou de Jong, beter dan Baud. Beter dan wie ook!

Dat heb je bewezen met je laatste pennevrucht, die over Juliana en Bernard, 'Verhaal van een huwelijk'. Waarschijnlijk was je een beetje geïnspireerd door het mooie en interessante boek van Nigel Nicolson over zijn ouders (Portrait of a Marriage: Vita Sackville-West and Harold Nicolson). Maar een min of meer geplagieerde titel, als is het dan misschien een mooie titel en al appelleert het ongetwijfeld aan de anglomanie van de Van Amsbergjes, is geen garantie voor goed historisch werk. Ook hier geldt: wat je allemaal hebt opgeschreven is niet te verifiëren, want niemand behalve jij had toegang tot de archieven van mevrouw Van Amsberg. Om Bernard af te schilderen als een ondeugende levensgenieter is wel heel erg in strijd met de historische waarheid. Die man deugde voor geen meter en als jurist (rechter nog wel!) zou jij toch als geen ander moeten weten dat voor alles wat hij heeft gedaan, Bernard eerder een plaatsje verdiende in de nor dan in een paleis.

Cees, ik kan niet anders dan concluderen dat je geen historicus bent. Het ontbreekt je mijns inziens aan eerlijkheid en integriteit. Ik besef dat heel weinig van mijn collega's in Nederland bereid zouden zijn openlijk te onderschrijven wat hier staat. De meesten zouden dat niet eens durven, er wordt immers altijd wel ergens bezuinigd aan de Nederlandse universiteiten. Maar ik vrees dat er bijna geen historici in Nederland zijn die echt professioneel respect voor je hebben. Ik ben bang dat je het zult moeten doen met de waardering van de familie Van Amsberg.

Jammer, Cees. Ooit was je een goed historicus. Ooit was je een dienaar van de waarheid. Inmiddels ben je verworden tot een dienaar van de macht, tot een lakei van mevrouw Van Amsberg. Wat een blamage!

Hans Vogel

 

 

 


1
Dr. H. Ph. Vogel (Hans), profesor titular, ESEADE Buenos Aires. Hans Vogel is historicus en Latijns-Amerika-deskundige.




ProRepublica doet haar uiterste best om alle rechthebbenden van tekst- en beeldmateriaal
gebruikt op deze website te achterhalen en te vermelden. Eventuele rechthebbenden die niet
vermeld zijn kunnen zich wenden tot ProRepublica. Waar gebruik is gemaakt van materiaal
van derden hebben wij getracht te achterhalen bij wie de rechten liggen volgens de
wettelijke bepalingen. Desondanks kan het voorkomen dat het materiaal niet voor publiek
gebruik is vrijgegeven. Uiteraard zullen wij dit materiaal op verzoek zo snel mogelijk
verwijderen indien daarvoor gegronde redenen bestaan.

Reageren? Momenteel is het door een technische storing niet mogelijk te reageren. Hier wordt aan gewerkt. 
Wel is het mogelijk via email te reageren. Excuses voor het ongemak.
Om te reageren klikt u HIER.
republiek republikeins koningin beatrix monarchie vs republiek rijks voorlichtingsdienst prins willem alexander