Pro Republica  republiek republikanisme AERM logo
 
Voorpagina Archief Leo Brabanticus Media-archief Boekbesprekingen Contact Links Zoeken Colofon rss Favoriet Disclaimer    
 

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief.


Translate this page

Stuur dit artikel door    print-vriendelijke-versie
  
De laatste ademtocht der monarchie
Kees Lafeber

Nu de monarchie in Nederland in haar laatste levensfase is gekomen, is het nuttig om met een gevoel van opluchting samen eens te filosoferen. In de menselijke geschiedenis is de natuurlijke biologische ontwikkelingsgang van ontstaan, groei en bloei, erosie en afsterven van gemeenschappen - families, dynastieën, stammen, volken, staten, bondgenootschappen - even normaal en geaccepteerd als van de mensen zelf.

Alles heeft een begin en een einde. Aan de Alpha is de Omega onlosmakelijk verbonden. Echter, terwijl mensen naarmate zij ouder worden, zich meestal verzoenen met de naderende dood, geldt deze regel bijna nooit voor instituties. De oorzaak daarvan is waarschijnlijk dat er in gemeenschappen een mix van leeftijden bestaat, waardoor het op handen zijnde einde van de 'institutie' - in dit geval van een monarchie of dynastie - niet als zodanig door iedere oudere ervaren of gevreesd wordt. Stellig zijn er bij deze senioren meerdere die tijdens hun leven een intellectueel-wijsgerig of wetenschappelijk-literair provenu hebben opgebouwd, dat hun levenswijsheid en relativering heeft geleerd. Daarmee wil slechts gezegd zijn dat het eind, het definitieve afscheid onontkoombaar aanvaard wordt, niet dat het stervensproces erdoor niet als triest zou worden ervaren.

Hoe groter de afstand wordt tussen de tijd van afsterven en het verleden, des te vanzelfsprekender wordt de Werdegang der geschiedenis aanvaard. Zo zal er op dit moment geen mens meer zijn, die niet accepteert dat de generaties met een snelheid van gemiddeld 30 jaar elkaar opvolgen, terwijl er ook niemand zal zijn die de 'eindigheid' van aarde en zonnestelsel zal ontkennen. Evenmin zal iemand nu beweren dat wanneer Columbus in 1492 Amerika niet had ontdekt, de 'Westindische inboorlingen'- laat ik de bewoners van toen gemakshalve maar zo aanduiden -, nu nog steeds druk doende zouden zijn met het jagen op buffels, het zoeken van eikels en het vangen van zalm. Ook zonder het Plakkaat van Verlatinge (1581), waarbij de Staten-Generaal (niet Oranje!) aan de Prince (= Philips II) de gehoorzaamheid opzegden met de beroemde woorden dat d'ondersaten niet en sijn van Godt geschapen tot behoeft van den Prince - maer den Prince om d'ondersaten wille, sonder dewelke hy egheen prince en is, zou ons land anno 2009 geen deel meer uitmaken van het Habsburgse rijk. En er zal ook niemand beweren dat zonder de Declaration of Independence (1776) Amerika nog steeds een Britse kolonie en Indonesië zonder de proklamasie van Sukarno en Hatta (1945) Nederlands 'bezit' zou zijn..

Van begin tot einde gaat elk leven zijn historisch bepaalde gang, waarop ten principale nauwelijks inbreuken mogelijk blijken. Ach, ik weet wel dat er een vrije wil gezegd wordt te bestaan - maar hoe vrij? - en dat we ogenschijnlijk 'eigenmachtig' een nagestreefd succes kunnen binnenhalen. Neem ons probleem monarchie versus republiek. Pro Republica en zijn collegae werken hard, erg hard om Nederland te republikaniseren. Het is, zo zeggen we wel eens tegen elkaar, onze historische roeping. Anders dan de monarchen die bij hoog en laag beweren een 'goddelijke roeping' te hebben, maken wij onszelf echter niets wijs. Het hele proces van geboren worden tot sterven is, zoals gezegd, een natuur-noodzakelijke ontwikkeling, waaraan een mens fundamenteel niets of nauwelijks iets kan veranderen, hoeveel sommigen zich daarvan ook voorstellen.

De schepping zit dan misschien uiterlijk wel zo in elkaar dat de mens denkt een ontwikkeling te kunnen beïnvloeden, in feite voert hij of zij slechts uit wat de alles bepalende natuur - u mag ook over 'Schepper' spreken - in ons gelegd heeft. Zelfs, als wij anders zouden willen - bijvoorbeeld niets doen -, zouden we dat niet kunnen vanwege de ratio waarmee de natuur ons nu eenmaal opgezadeld heeft. Die reine Vernunft doet ons inzien dat wij slechts kunnen en moeten meewerken aan wat de schepping ons heeft meegegeven.

Een mens kan dus opkomst en ondergang van monarchieën - van Habsburg tot Amsberg - nauwelijks bevorderen noch belemmeren: het betreft zo goed als autarke processen, waarop wij nauwelijks feitelijke, maar wel, zoals gezegd, imaginaire invloed hebben. Deze processen zijn goed vergelijkbaar met wat er buiten groeit en bloeit. De tuinman lijkt onmisbaar maar is in feite niet meer dan de toezichthouder die her en der wat secundair werk doet. Het is echter de natuur zélf die de groeikracht geeft en tot afsterven overgaat. Pro Republica kan nóg zo hard werken en de Amsbergs kunnen nóg zo veel aanblijf-constructies bedenken, ons beider lot is voorbestemd.

Het is dan ook van meet af aan buiten kijf dat de zege aan de republiek is en naar velen vermoedden zelfs op korte termijn, ook wanneer Pro Republica zou zijn weggepest door Cozzmozz of wanneer we het vele werk niet aan zouden kunnen of wanneer ons geld op zou zijn. Wij zijn immers niet meer dan de voltrekkers, de uitvoerders in deze fase van de geschiedenis van een natuurlijke, historisch bepaalde ontwikkeling. En als wij er niet waren, wel dan zijn er andere, wellicht begaafder dan wij. De denkende mens beseft immers dat binnen afzienbare tijd alle archaïsche instituten omgekanteld zijn. Zo vergaat en verging het de kerken - ik zeg niet: de religies -, zo verdwenen culturen en imperia.

Ieder mens heeft evenzeer als wij republikeinen de plicht zich immer af te vragen 'aan welke zijde van de historische ontwikkeling' hij of zij zich dient op te stellen. De keuze welke weg we hebben in te slaan, is minder moeilijk dan zij lijkt, althans voor degene die zich de moeite neemt in het dilemma te verdiepen. Hoe verder het ontwikkelingsproces - terzake van de Amsbergse monarchie kunnen we beter spreken over een ontbindingsproces - al gevorderd is, des te gemakkelijker wordt de keuze. Dat laatste verklaart de snelheid waarmee de monarchie - sinds mei 2009 - op haar ondergang afstevent.

Zoals de dood zich geleidelijk bij de mens aankondigt door vergrijzing, gestage achteruitgang van de geestelijke en lichamelijke kwaliteiten, zo vertonen ook monarchieën die op hun einde aankoersen duidelijk zichtbare symptomen van verval. In de eerste plaats is er een duidelijk waarneembare vervreemding van de basis. De dynasten en hun lakeien voelen aan dat hun 'populariteit' tanende is. Ter bestrijding van het gevaar der demonarchalisering - beter: de symptomen van dat gevaar - begonnen zij in Nederland in de 2e helft van de 19e eeuw een schoonheidskuur voor het instituut, zoals we bij mensen dat zien in kapsalons met melk, maskers, crèmes, pruiken, haarplakmiddelen, wegverving van grijze haren, wegmassage van rimpels of in ziekenhuizen met een prostaatoperatie, het implanteren van een pacemaker of het verwijderen van een zieke galblaas. Het helpt wel maar het zijn uiteindelijk lapmiddelen die de verouderings- en vervalproblemen ten principale niet opheffen. De schoonheidsbehandeling van de monarchie - waarover ministers ambtenaren en journalisten toen weken en maanden vergaderd hebben - resulteerde in de instelling van 'koningsdagen' met vrije dagen en gratis bier én het opvoeren van een charmante Emma met een tranenverwekkend dochtertje - eigenlijk dus de meest onechte middelen om een monarchie te schragen -, waarmee de institutionele vervalverschijnselen weggepoetst en de populariteitscijfers opgevijzeld werden.

'God zij dank' kwamen er toen twee Wereldoorlogen de monarchie en haar stalknechten te hulp om te overleven, maar daarna was het hek van de dam. De aan de monarchie onverbrekelijk gekoppelde erfelijkheid leverde Nederland uit aan een misschien wel lieve (?) maar oerdomme en voor de hoogste functie in het land totaal ongeschikte mevrouw die tot overmaat van ramp ook nog trouwde met een van de grootste schavuiten die na 1945 nog vrij op de aarde rondreden. De man had verdiend achter de tralies te sterven, maar dank zij zijn kornuiten, van wie ik hier met het schaamrood op de lippen de namen Den Uyl en Van Agt noem, ontliep met een - tijdelijk - uniformverbod, de cel, waarmee tevens voorkomen werd dat Nederlandse monarchie in 1976 de laatste adem uitblies. Hadden de politici toen de zaak definitief opgelost, zou ons land een hoop ellende bespaard gebleven zijn.

'Wanneer de vaderen hebben gedronken, zo worden de kinderen blind geboren,' zegt een bijbelwoord. Zo werd het Nederlandse volk in het laatste kwart van de eeuw en het begin van de 21e eeuw opgezadeld met een in feite al stervende monarchie. Zeg niet dat wonden in de loop der tijd wel genezen - de tijd heet in de volksmond immers de beste heelmeester -, het is gewoon niet waar. Nog afgezien van het feit dat het tegenwoordige staatshoofd zich immer - lees Fasseur - geïdentificeerd heeft met pappie en dezelfde smerige streken vertoont als haar vader en haar eigen voorgeslacht - zoals de ouden zongen, piepen de jongen -, de geschiedenis van pappie zelf suddert nog voortdurend door. De man heeft zo veel rottigheid uitgehaald dat de 'voorraad' niet opraakt. Geschiedenis doe je niet over, al zou je dat nog zo graag willen. Onder deze vrouw bij wie in haar jeugd de woorden 'wanneer ik eenmaal koningin ben' in de mond bestorven waren, ging het van kwaad tot erger.

Tijdens deze bekakte, arrogante en hypocriete en door de staatrechtelijke nulliteiten Lubbers en Kok omgeven mevrouw kalfde het draagvlak van de monarchie dermate af, dat derhalve rond de eeuwwisseling gekroonde en niet-gekroonde koppen weer bij elkaar gestoken werden om de verdere aftakeling van het instituut tegen te gaan. In plaats van met ingrijpende politieke maatregelen te komen om dit verval te stuiten, kwam de commissie vooral door de tegenwerking van mevrouw zelf niet verder dan wat gefrummel in de marge. Zij zelf zou nog aandoenlijker haar kerst- en nieuwjaarsredes voorlezen, haar kleding zou nog indrukwekkender worden, ze zou nog meer het land in gaan om zich te laten bejubelen, terwijl zijzelf ook eens per jaar met een schort voor soep zou gaan uitdelen in telkens een of ander verzorgingshuis, zodat ze ook daar naamsbekendheid kreeg. De hele clan werd ingezet: Petra - van wie ik nog nooit gehoord had - ging ergens zitten voorlezen en de Vollenhovens bedienden, geloof ik, een tankstation. Het was je reinste flauwe kul, comedie en huichelarij, die moest verhullen hoe slecht de monarchie er eigenlijk aan toe was. Het zwaartepunt van het offensief kwam echter te liggen op een vriendinnetje van Willem, tegenwoordig De Garnaal geheten.

Aanvankelijk ging het om Emily Bremer, een aardig burgermeisje uit Nijmegen, dat echter niet bij moeder Amsberg in de smaak viel. Ze werd dus uitgekocht, waardoor haar zwijgen verzekerd was. Overigens hebben we dat contract nooit te zien gekregen, zoals alles wat er in Den Haag wordt uitgebroed onder het tapijt wordt geveegd. Overigens, wanneer die garnaal echt een doctoraal geschiedenis heeft gedaan, waar is die 'studie' dan gebleven?. De Amsbergers hebben immer de mond vol van openheid maar zelf verzwijgen ze alles. Overigens is het verzwijgen der waarheid behalve een bewijs van zwakte vooral een symptoom van het naderende einde.

De nieuwe vlam was een Argentijnse juffrouw - meer lichaam dan geest, werd gezegd, hoewel ze De Garnaal verre in sluwheid overtreft -, die op zoek was naar macht, geld en invloed. Ze had het nadeel uit de niet zo fraaie familie Zorreguieta te stammen, maar beschikte wel - naast het genoemde corpus over een onuitputtelijke voorraad tranen die ze immer op het juiste moment kon oproepen. Welnu, deze allochtone vrouw die ijlings op staatskosten ingeburgerd werd, werd het zwaartepunt van de het nieuwe charme-offensief. En warempel, het leek te werken - althans tijdelijk -, al was het staatsrechtelijk wel een vreemde zaak dat het voortbestaan van de monarchie afhankelijk bleek te worden gemaakt van de aanwezigheid van een juffrouw met hoog opgetrokken knieën. Bovendien bleken moeder Amsberg en haar schoondochter elkaar niet zo te mogen en al gauw gewikkeld te zijn in een competitie om de populariteitscijfers. Vooralsnog leek Zorreguieta voor te liggen.

Na enkele jaren - nu dus - is het charisma uitgewerkt en blijkt mevrouw een wat ordinaire dame te zijn, die vooral een luxueus, peperduur, reislustig uitgaansleventje wil leiden, terwijl haar verleden steeds meer parten lijkt te gaan spelen.

Op dit moment komen alle ontbindingsverschijnselen samen en wreekt zich de gemakzucht van regeringen en parlement, die destijds niet de juiste conclusies durfden te trekken uit een geconstateerd verkalkingsproces. Nu wordt de politiek geconfronteerd met de het falen van vroeger. Verleden en heden - uit de moderne tijd zijn te noemen: de belastingvrijstelling, de weigering tot bezuinigen, de fiscale sluiproutes,de fotosessies, het Machangulo- en Patagonië-experiment, de kwalijke beïnvloeding van pers en parlement, de voortdurende provocatie van de ministeriële verantwoordelijkheid, de private vliegreisjes, de Amsbergiaanse bemoeizucht, de intellectuele armoede van de beoogde troonsopvolger, de niet-aflatende arrogantie - keren zich tegen de monarchie.

Steeds meer bevolkingsgroepen nemen afstand - tot zelfs de oranjeverenigingen - nemen afstand van een instituut, dat kennelijk jaren te lang boven zijn stand geleefd heeft. Met des te meer geweld zakt vandaag of morgen het hele conglomeraat in elkaar. Hoe erger dat gevaar dreigt, des te zenuwachtiger worden de bewoners van de paleizen en des te vreugdevoller die van de hutten.

In hun radeloosheid beweren de Amsbergers nu dat ze het altijd zo goed bedoeld hebben en dat de verwijten aan hen 'gekleurd' zouden zijn. Het is andermaal een symptoom van verval en ontbinding dit te moeten vernemen uit de monden van juist diegenen die de hele geschiedenis ten bate van zichzelf constant vervalst hebben, het volk deze verwijten te maken. Het enige wat we daaruit kunnen concluderen is de monarchie doende is de laatste adem uit te blazen.

Prof. Dr. C.V. Lafeber (Kees) is emeritus hoogleraar hedendaagse geschiedenis en vaste wetenschappelijk medewerker van Pro Republica.





ProRepublica doet haar uiterste best om alle rechthebbenden van tekst- en beeldmateriaal
gebruikt op deze website te achterhalen en te vermelden. Eventuele rechthebbenden die niet
vermeld zijn kunnen zich wenden tot ProRepublica. Waar gebruik is gemaakt van materiaal
van derden hebben wij getracht te achterhalen bij wie de rechten liggen volgens de
wettelijke bepalingen. Desondanks kan het voorkomen dat het materiaal niet voor publiek
gebruik is vrijgegeven. Uiteraard zullen wij dit materiaal op verzoek zo snel mogelijk
verwijderen indien daarvoor gegronde redenen bestaan.

Reageren? Momenteel is het door een technische storing niet mogelijk te reageren. Hier wordt aan gewerkt. 
Wel is het mogelijk via email te reageren. Excuses voor het ongemak.
Om te reageren klikt u HIER.
republiek republikeins koningin beatrix monarchie vs republiek rijks voorlichtingsdienst prins willem alexander