Pro Republica  republiek republikanisme AERM logo
 
Voorpagina Archief Leo Brabanticus Media-archief Boekbesprekingen Contact Links Zoeken Colofon rss Favoriet Disclaimer    
 

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief.


Translate this page

Stuur dit artikel door    print-vriendelijke-versie
  

500 dagen!
Drs J.A. Zijlstra, 3 februari 2012

iets


Alweer 500! dagen zit Erwin al gevangen voor het gooien van een waxinelichthouder tegen de gepantserde gouden koets en vooral voor het hebben van een mening, door de gerechtelijke macht 'waanstoornis' genoemd. Wa Max en Bea schijnen het niet eens gemerkt te hebben!

Daarom doet Pro Republica hierbij een oproep aan alle politieke partijen om aan deze schandelijke situatie een einde te maken!

Onderstaand de tweede en derde brief van een website-bezoeker, gericht aan de al meer dan 500 dagen vastzittende Erwin Lensink, de WaxineLichtHouderGooier, acht onze redactie wederom dermate van groot belang voor alle republikeinse en niet-republikeinse landgenoten, dat wij ze graag hier publiceren.


Aan de weledele heer E. Lensink
Registratienummer 2022645.
P.I. Grave (Bc-oost-cel 1), locatie Oosterhoek,
p/a Postbus 250
5360 AB Grave


Waarde heer Lensink,

U hebt wel gemerkt dat ik bij u aan de deur was. Van de bewaking mocht ik een klein krabbeltje voor u in de brievenbus doen, buiten. Ik was er om u mijn excuus te maken. Het moge zijn dat ik belangrijke teksten graag eerst door derden laat lezen, voor ze de deur uitgaan, maar ik vergat toch mooi aan u te vragen of de brief mocht worden gepubliceerd.
U was blij met mijn brief, schreef u mij. De webredactie was er ook blij mee. De redactie achtte hem van belang voor alle republikeinse en niet-republikeinse landgenoten. Dat helpt mij misschien nog iets bij mijn nalatigheid om het eerst aan u te vragen.
Laat mij u nu maar meteen voorleggen of u er bezwaar tegen hebt dat mijn brieven eventueel op de site komen. We moeten u niet vergeten. Goed dat de heer Couzy uw adres opsnorde en het op de PR-site zette.

In de gevangenis in Grave
Om die excuses aan te bieden was ik dus zaterdag (21/1) in Grave, bij de penitentiaire inrichting, waar u bent ingesloten. Het was gemakkelijk te vinden, ook al omdat ik niet onbekend ben in de buurt. Een kilometertje verderop in de richting Den Bosch heb ik zelf gevangen gezeten, zij het vrijwillig, in het noviciaat van de Jezuïeten. Het is nog veel langer geleden dat ik in een staatsgevangenis was. Een paar keer, in Leeuwarden, in oorlogstijd, als misdienaar.
In Grave kwam ik zaterdag niet verder dan de hal. Daar zat een kordate mevrouw achter het loket, met twee assistentes ernaast, waarschijnlijk in opleiding tot kordate vrouw. Achter hen zaten vier mannen in die ruimte, met wapens en al. Er zitten daar echte boeven? Een van die opgesloten zijn is zeker geen echte boef. Hij doet er alleen beter aan voortaan geen voorwerpen meer te gooien naar de gouden koets. Laat die mensen toch. Zij hebben er zelf misschien ook wel moeite mee om zo te paraderen voor het volk. Misschien is dat wel minder gemakkelijk dan we soms denken.

'De kanarie en andere beesten'
Ik had twee boekjes voor u meegebracht. Eentje van Midas Dekkers, 'De kanarie en andere beesten' en een opstel van Thomas Verbogt. Bij dat laatste had ik niet het verhaal op het oog, maar alleen de titel: 'Winnaar'. Overdenk die titel maar zoals u wilt. We zullen het winnen, dat is zeker. De boekjes mocht ik niet afgeven. Zelfs dat niet. De mevrouw: 'Streng, hè?' Weerwoord: 'U zegt het, mevrouw!'. Ik kon wel dat briefje schrijven. Zij gaf me een enveloppe en een papiertje. Die brief kon ik niet afgeven, die moest dus in de brievenbus buiten. Mag ik er ook een boekje bijdoen? 'Dan raakt het misschien kwijt', zegt mevrouw Kordaat. 'Zijn hier dan dieven?' vraag ik. Een wachter achterin met een revolvertas op zijn heup, schiet in de lach, maar wel zachtjes en verholen.
Er zijn daar dus dieven, maar u bent dat zeker niet, meneer Lensink.
U bent alleen maar opgesloten - enfin we kennen het verhaal. Ik denk weer aan die mensen in de gouden koets. Die zitten daar ook opgesloten. Ook zonder echt proces ... De boekjes houdt u van mij tegoed.

Tegen de adel, ik?
Iemand belde me. Hij had het verhaal gelezen. Ik zou wat tegen de adel hebben? Neen hoor, ik weet zelfs niet wat dat precies is, adel. Ik heb er alleen iets op tegen dat sommige mensen menen dat zij meer zijn dan andere mensen, zowel persoonlijk als in groep, al dan niet georganiseerd in een bijzonder soort club. Dat kan vooral heel erg zijn als men denkt recht te hebben op bijzondere voorrechten.
Waarom zou ik tegen de adel zijn? Dat is een hobby als postzegels verzamelen of midwinterblazen. Iedereen heeft zijn eigenaardigheden. Die zijn ook vaak historische bepaald, en niet zelden om te lachen. Tegen de adel, nee dus. Ik benadruk alleen heel gewoon dat mensen gelijkwaardig zijn en ook gelijkwaardig behandeld moeten worden, gewoon fatsoenlijk.
Dat precies is mijn uitgangspunt als loslopende republikein. Waarom zou een familie het exclusieve recht hebben op de functie van staatshoofd? Zegt iemand: 'dat staat in de Grondwet', dan zeg ik: 'dan moet die Grondwet worden gewijzigd'. Dat zal vroeg of laat ook gaan gebeuren, wees daar maar zeker van. Dat zal langer duren naarmate we de mythe van het koningshuis in standhouden.

B.J. Spruyt en de mythe
De mythe in stand houden. Daartoe leek de heer B.J. Spruyt ons onlangs aan te sporen (Trouw, 16/1, in 'De koningin en de staatshoofddoek').
Een woord als mythe zoek ik even op in het woordenboek.
Ik lees 'mythe':
1. verhalende overlevering m.b.t. godsdienst en levensbeschouwing van een volk.
2. praatje zonder grond, fabel;
3. als juist aanvaarde maar ongefundeerde voorstelling omtrent een persoon, zaak of toedracht.
Zo weet je waar je het over hebt als je praat over het koningshuis. Fabel! In mijn vorige brief stelde ik dat niet zozeer het koningshuis hoeft te worden aangepakt, als wel de vele duizenden die al dan niet uit eigenbelang, al dan niet willens en wetens, ja zelfs tegen beter weten in, het koningshuis steunen en de mythe in stand houden. Ik denk even aan de schooldirecteur in 'klein verslag' van Wim Boevink (in Trouw, 19/1 'De prinses en de uil die van de tak viel').

Voorlezen voor kinderen
Het is een goed initiatief: het project voorlezen aan leerlingen. Mevrouw L. van Amsberg-Brinkhorst doet er ook aan mee. Op een christelijke school in Amersfoort.
De heer Boevink schrijft: 'Ze trad binnen, in het kielzog van de directeur, die zo hard mogelijk 'de prinses!' voor zich uitfluisterde. Heel even was het stil in het lokaal van groep 2/3, waar 25 kinderen en 25 persmensen (van wie 22 met een camera) op haar komst hadden gewacht.
Ook de prinses, HKH Laurentien, zei enige seconden niets, aangegaapt door vijftig mensen. Een fantoom, haar huid een andere complexie dan die van gewone stervelingen. Geen kroontje helaas. Ze las schitterend voor.´ In die trant gaat het door. Enfin, lees het zelf maar.
Als je 'Klein verslag' van Wim Boevink gelezen hebt, dan is je dag goed. Het gaat om die twee woorden van de schooldirecteur.'DE PRINSES'. Fluisteren. Mythevorming. Bedenk even hoe de directeur dat heeft voorbereid. Hij en die 25 mensen van de pers zijn ook voorbeelden van die het koningshuis steunen door de mythe in stand te houden. Er zijn nog meer voorbeelden. Hen aanspreken volstaat. Met de vorige drie en de heer Spruyt en de leden van de Staten-Generaal erbij sta ik nu op 255.

Goed gevallen
Het is eigenlijk wonderlijk dat mijn brief op de website van Pro Republica is gepubliceerd. Was hij niet te netjes? De brief viel goed, ook gezien reacties daarop van lezers. Een opsteker, zeker, ik zeg het maar eerlijk.
Ik lees voor en na andere reacties op de site, ook wel eens scheldpartijen, dat laatste met pijn in het hart. Wat schieten we daar mee op?
Het kan ook anders, met een andere toon en vriendelijker.
Ik neem als voorbeeld 'graaien'. Laten we het liever 'toucheren' noemen (zie Van Dale). Vorsten graaien niet. Zij toucheren. Wij zijn het trouwens zelf die hen dat laten doen. Wij stellen het geld beschikbaar. Zij innen het. Stel je voor W.A. van Amsberg gaat naar de bank en toucheert er zijn toelage, 65.000 euro's, per maand en vrij van belasting, exclusief bewoning en bewassing (en verre reizen). Echtgenote int ook het nodige.
De bankier telt de munten uit op de toonbank. Onze man schuift ze met de rechterhand in de geldbuidel. Je ziet het voor je.
Na hem zijn twee oude mensen aan de beurt om te innen. De bankier legt ook voor hen de munten op tafel, voor hen beiden, twee keer 690,54, euro per maand AOW, exclusief vakantiegeld, minus belasting.
Graaien? Welnee, toucheren! Zet het desnoods tussen aanhalingstekens: 'Toucheren!'. Is het die man aan te rekenen? Het staat in de Grondwet!
We schelden liever niet meer; laat liever alleen precies zien hoe het zit. Iedereen kan dan zijn eigen conclusies trekken. Dat helpt pas echt.

Nazaten
Dank u wel, Heer Lensink voor uw reactie. Ik las wat u schreef, verhalen en standpunten. Er zat ook een verhaal bij over nazaten. Ik kan het niet precies volgen, maar het ging erover, denk ik, dat vorsten sinds koning Willem III, geen wettige nakomelingen van hem zijn, en dus niet op de troon horen?
Denk na. Het is eenvoudig zo: ook gewettigde nakomelingen zijn wettig. De verklaring bij de geboorteaangifte is voldoende. Donorschap stond in die tijd nog in de kinderschoenen. Er was geen IVF, alleen maar gewoon biologisch even de deur uit. De vormgeving was ook anders.
Laten we niet meer praten over zogenaamd onwettige nazaten, maar alleen over het onhoudbare middeleeuws erfelijkheidsdenken van vorsten. Niemand hoort hier op een troon. Balsemen? Misschien is er later toch nog een speciaal hemeltje voor koninkjes. Dat zou dan mooi in Delft kunnen.

Slot
Op de website van Pro Republica heeft een zekere Attie nog iets liefs geschreven. Ze is blij met die brief aan u; ze begrijpt uw situatie zeker ook. Ze schrijft: 'Mabel Wisse Smit leende de naam van haar stiefvader. Zij heet Mabel Los, doodgewoon Los. Een naam uit de Zaanstreek. Niets mis mee natuurlijk.' Prachtig toch, om het zo eenvoudig te zien staan. Wat speelde er daar verder?
Ik zie in de geest hoe Friso van Amsberg en Mabel Los elkaar ontmoeten en zich in elkaar verlieven. Hoe ging dat verder. Viel Mabel in de smaak van de moeder van haar Friso? We weten het niet. We weten wel dat Friso voor zijn huwelijk verlof moest vragen aan het landsbestuur. Ik hoor hem als het ware zeggen: 'ben je nou helemaal betoeterd'. Het 'geen uitzicht meer op de troon' zal hem een zorg zijn. Verstandige vent. Moet ik nu wat ik eerder schreef over Mabel wegstrepen? Quod scripsi scripsi. (P. Pilatus.)
Constantijn heeft het nog slimmer aangepakt dan Friso. De jongste lijkt me trouwens slim èn verstandig. Wat zou moeder het allerliefste willen?
Wat ik wil telt ook. De monarchie - uit de oude doos - wordt afgeschaft.
Ik denk nog even aan die gouden koets en hoe ze er opgesloten zitten.
Maar als je er vrijwillig instapt en je laat ook nog die mannen met die kleurige pakken er naast lopen, dan ben je volgens mij niet erg lekker.
Komt zo'n man 's avonds thuis. Nog niet omgekleed. Zitten ze koffie te drinken.
Zegt zijn vrouw: 'en hoe was 't?'
Lach er maar om, dat is het beste (en pas op: nergens mee smijten).

Slot (2)
Destijds, een kilometer verderop dus, tussen 1953 en 1956, heb ik ervan gemaakt wat ervan te maken viel. Ik kijk er zelfs meer en meer op terug, ook met zeker genoegen. Je moet het in die tijd zien.
Je kunt er nu maar het beste om lachen.
Probeert u dat ook te doen. Weet wel: er komt een einde aan de toestand.
Wij hier blijven aan u denken. Wij hier doen voor u wat we kunnen.

Hartelijke groet, in Grave op zijn Brabants: Houd-oe, tot volgende keer.

Joop Zijlstra, ongebonden republikein.
Kastanjelaan 9, 6955 AM Ellecom, 0313 - 419 213.

PS. Laat mij dus nog even weten of de brieven op de website kunnen.
Wellicht krijgt u van Attie (en van anderen) ook nog een hartelijk regeltje.

Ik sluit het opstel 'Winnaar' hierbij in, en ook een velletje postzegels. Z.

 

Aan de weledele heer E. Lensink
Registratienummer 2022645.
P.I. Grave (Bc-oost-cel 1), locatie Oosterhoek,
p/a Postbus 250
5360 AB Grave


3 februari 2012

Waarde heer Erwin Lensink,

In uw kaartje aan mij schrijft u: 'Ik weet niet exact wie u bent of wat uw bedoeling is. Zou u mij wellicht een (getypte) brief kunnen schrijven, want helaas is uw handschrift voor mij moeilijk te ontcijferen. Bij voorbaat dank.' U stelt een redelijke vraag.
Wat mijzelf betreft geef ik u in de bijlage een korte levensloop.
Mijn bedoeling van mijn brief aan u van 1-1-'12 en van mijn bezoek aan de gevangenis in Grave (op 21-01-21 op weg naar een van mijn zonen in Cuijk) was om u een hart onder de riem te steken. Ik deed dat uit meeleven met u toen ik uw adres zag op de website van Pro Republica.
Na mijn bezoek aan Grave doe ik overigens ook pogingen om uw situatie onder de aandacht te brengen van personen waarvan ik denk dat zij aan uw situatie iets ten goede zouden kunnen veranderen.

Bij mijn bezoek aan de gevangenis werd ik niet tot u toegelaten
Bij die gelegenheid schreef ik een krabbeltje als groet in een enveloppe en heb die volgens de gevangenisvoorschriften in de buitenbus gedaan.
Wellicht hebt u die krabbel ontvangen. Ik kan mij voorstellen dat die voor u niet goed leesbaar was. De omstandigheden waren er ook naar! Thuisgekomen heb ik u een tweede brief gestuurd d.d. 25-1-'12, met daarbij een klein boekje. Daar zat ook een geschreven kaartje bij: verzoek om mij te berichten of u de (tweede) brief had ontvangen. Bij het uitblijven van uw bevestiging ga ik er vanuit dat die brief niet is aangekomen, dan wel dat men daar de brief heeft achtergehouden. Wie zal mij de roerselen beschrijven van het gevangenispersoneel?

In die tweede brief vraag ik u om toestemming om brieven aan u te doen publiceren indien daarvoor goede redenen zijn. Een daarvan is om aan de bezoekers van de website uw situatie onder de aandacht te houden, ook in het wijdere kader ervan, reden voor publicatie van mijn brief aan u. Voor publicatie ben ik afhankelijk van derden.

Ik ben maar toevallig op uw pad gekomen. Ik zag u als het ware aan de kant van de weg liggen, hulpbehoevend. Ik ging u niet voorbij en doe voor u wat ik kan. Dat is alles. Ik hoor misschien wel weer iets van u.

Met een vriendelijke groet, met een hartelijke groet.

Joop Zijlstra, ongebonden (loslopende) republikein.
Kastanjelaan 9, 6955 AM Ellecom (bij Dieren) 0313-419 213.

Bijlage: 1.

 





ProRepublica doet haar uiterste best om alle rechthebbenden van tekst- en beeldmateriaal
gebruikt op deze website te achterhalen en te vermelden. Eventuele rechthebbenden die niet
vermeld zijn kunnen zich wenden tot ProRepublica. Waar gebruik is gemaakt van materiaal
van derden hebben wij getracht te achterhalen bij wie de rechten liggen volgens de
wettelijke bepalingen. Desondanks kan het voorkomen dat het materiaal niet voor publiek
gebruik is vrijgegeven. Uiteraard zullen wij dit materiaal op verzoek zo snel mogelijk
verwijderen indien daarvoor gegronde redenen bestaan.

Reageren? Momenteel is het door een technische storing niet mogelijk te reageren. Hier wordt aan gewerkt. 
Wel is het mogelijk via email te reageren. Excuses voor het ongemak.
Om te reageren klikt u HIER.
republiek republikeins koningin beatrix monarchie vs republiek rijks voorlichtingsdienst prins willem alexander