Pro Republica  republiek republikanisme AERM logo
 
Voorpagina Archief Leo Brabanticus Media-archief Boekbesprekingen Contact Links Zoeken Colofon rss Favoriet Disclaimer    
 

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief.


Translate this page

Stuur dit artikel door    print-vriendelijke-versie
  
Nog eens : constitutioneel, ceremonieel of nog beter helemaal géén koningschap
Webredactie, 23 augustus 2011


Er zit momenteel nauwelijks enig schot in de problematiek met betrekking tot het toekomstig landsbestuur.
'Ze' kunnen het in Den Haag er zelfs niet over eens worden of en wanneer moeder Amsberg de pijp aan Maarten zal geven. Het kan alles bij elkaar nog wel eens een heel lange geschiedenis worden, waarbij - afgezien van het vraagstuk monarchie-republiek zelf - het complicerende feit steeds sterker geworden is dat vader en dochter Zorreguieta zich onder geen enkele voorwaarde er bij zullen neerleggen als pappie Jorge niet bij de plechtigheden aanwezig mag zijn. Moeder Amsberg, daarbij gesteund door een deel van de Nederlandse bevolking, vindt dat nogal riskant. Het zou de goden verzoeken zijn deze oorlogsmisdadiger op het bordes of waar dan ook toe te laten. Dan zouden Maximá's kansen voorgoed vergooid zijn.

Het ware een goede zaak wanneer alles in één klap geregeld kon worden: het koningschap afgeschaft, de republiek geproclameerd, Zorreguieta met de hoogste spoed teruggekeerd naar zijn eigen republiek en de familie Amsberg verdwenen naar St. Helena, terwijl de boedel hier is gebleven. Helaas zijn we echter nog lang niet zover, al is iedereen er zo langzamerhand wel van doordrongen dat het dure, ondemocratische, arrogante en erfelijke koningschap, dat in 1815 de Nederlanden op het Wener Congres door de strot werd geduwd, totaal achterhaald is. Hoe is het mogelijk geweest, dat deze onmogelijke creatie (danig in 1830-'39 gecoupeerd), de revoluties overleefde, terwijl de wereldgemeenschap ongeveer geheel republikaniseerde?

thorbecke

In 1848 speelde de vaderlandse conservatieve oppositie het zelfs klaar tegen Thorbecke het ondemocratische systeem - ondanks de schijn van het tegendeel - nog eens extra te bevestigen. Misschien is de belangrijkste reden voor het niet tijdig imploderen van het koningschap wel het socialisme geweest. Socialisten waren een eeuw lang de hielenlikkers en de grootste angsthazen met Drees, den Uyl, Kok, Tjeenk Willink en Cohen als absolute dieptepunten.

thorbecke

Om in de 21e eeuw de macht van de koning voor de toekomst tegen het opdringende republikanisme veilig te stellen is nu de volgende strategie ontwikkeld: de politieke bevoegdheid van de constitutionele vorst blijft zoals zij was - zij het met iets meer accent op een paar ceremoniële bezigheden, met name in de sector uitstapjes -, terwijl aan de republikeinse oppositie - om deze de wind uit de zeilen te nemen - de kluif wordt toegeworpen dat het nieuwe koningschap 'ceremonieel' zal heten. Er is dan sprake van een combinatie van een feitelijke voortzetting van het oude sinds 1815 vigerende politiek-constitutionele systeem met een moderne naam die ontleend is aan enkele niet-politieke activiteiten van olim. Met die feitelijk niets voorstellende (naams)verandering wordt oneindig meer gesuggereerd dan wat in werkelijkheid bedoeld wordt. De regering bejubelt deze schijnbreuk voor binnnenlands gewin uitbundig als zou daarmee het koningschap naar de eisen van de tijd zijn 'vernieuwd', terwijl in feite alleen die nieuwe naam er bij geharkt is. Misschien vindt Rutte - tot wat een nitwit heeft zich deze premier ontwikkeld! - er nog wel een andere term voor als 'modern' of 'klassiek' of ' superbe', want het woord 'ceremonieel' is misleidend, gevaarlijk en vals, omdat er niets aan de macht van de koning mag veranderen. Die blijft zoals ze altijd geweest is. Daamee stemmen de conservatieven van harte in. De onaangename, 'republikeinse' term 'ceremonieel', waarvan ze eerst gruwden, nemen deze nu op de koop toe. Ook Maximá en aanhang zullen geen bezwaren meer maken.

Conservatief Nederland heeft dus anno 2011 geprobeerd de echte discussie over republiek en monarchie 'kalt zu stellen' door het promoveren van het oude woord 'ceremonieel' (waarmee vroeger nooit iets anders bedoeld werd dan plichtplegingen, vormelijke beleefdheden als het maken van reisjes, het strooien met kushandjes en het omhelzen van de knieën der geliefden), tot geloofwaardig equivalent van het na Napoleon ingevoerde 'constitutionele' systeem van koning plus grondwet.

Het zou natuurlijk onzinnig zijn de ceremoniële aspecten van een constitutioneel koningschap te ontkennen of te minimaliseren.
Volgens het 'Amsberg-jaaroverzicht 2010' dat de RVD heeft opgsteld, heeft prins Willem op kosten van de belastingbetaler in dat jaar meer dan 100 reisjes in binnen- en buitenland gemaakt (Machangulo niet inbegrepen) - voor Leila bedraagt dat aantal zelfs een kwart hoger - terwijl het paar ook nog een (schoon)moeder boven zich heeft, die zelf ook al zo'n oude constitutioneel-ceremoniële snoepkont van staatkundige lekkernijen was. En dat terwijl dit drietal nog niet eens officieel ceremonieel kon heten, maar doodgewoon ouderwets-constitutioneel. Het systeem barstte gewoon van al dan niet noodzakelijke en nuttige pleziertjes. Waren die gedurende al die jaren van het constitutionele koningschap dan overbodig? Zullen we ze dan maar niet beter met terugwerkende kracht allemaal afschaffen en het geld zo mogelijk terug vorderen? En wat zullen de tieretanlijnen van het ceremoniële koningschap nieuwe stijl betekenen? Moet er minder gedeclareerd worden of mag er nu voor een bezoek aan de kermis, het zwembad, de haringboer en de hoeden-boutique ook een nota worden ingediend? Of gebeurde dat toch al? In elk geval zullen de ceremonies zeker blijven zoals van ouds.

thorbecke

In feite is hier dus sprake van grof bedrog en op zijn minst van een slinkse truc. Een ceremonieel koningschap is er een waarin de koning niets te vertellen heeft, zoals Thorbecke het in 1848 met de invoering van de ministeriële verantwoordelijkheid duidelijk bedoeld heeft. Rutte moge zich rijk rekenen en een tweede geniale Thorbecke wanen door het oude systeem te willen laten voortbestaan onder nieuwe termen, het lijkt echter onmogelijk dat vooruitstrevende politici en vooral het door de media voorgelichte volk zich ten tweede male zullen laten beduvelen. Elke nadenkende en de parlementaire geschiedenis kennende progressieve Nederlander zal die nieuwe term 'ceremonieel' koningschap - welke nu al te pas en te onpas gebezigd wordt (om er aan te wennen?) - in het beste geval metaforisch duiden en zich hoeden voor een herhaling van de jaren 1848-68-heden. Ook een gewaarschuwd politicus telt voor twee.

Rutte heeft met grote nadruk duidelijk gemaakt, dat er onder het nieuwe systeem niets aan de macht van de koning zal veranderen.
Sinds de zgn. invoering van de koninklijke onschendbaarheid in 1840-1848-1866/8 hebben staatshoofd en ministers ontelbare grote en kleine oorlogen met elkaar gevoerd over wie nu eigenlijk de baas in het land is. Het lijdt weinig twijfel dat zowel Willem III als de mevrouwen na hem immer aan het langste eind hebben getrokken. Vandaar dat de traditionele stelling van de oude meester op de school met de Bijbel of van welke andere bijzondere lagere school dat de koning(in) en niemand anders dan de 'majesteit' (ahum) aan het roer staat van 'het koninkijk der Nederlanden', in het vervolgonderwijs - en niet alleen daardoor - meedogenloos botste met het nieuwe - nu ja, nieuwe - staatsrecht van de universitair opgeleide docent die met zekerheid beweerde dat de leer als zou de koningin almachtig zijn en de regering niets te vertellen heeft, al sinds mensenheugenis over boord gekieperd is, klagelijk ligt te piepen in een omgeslagen reddingsbootje.

Uit eigen ervaring weet deze redactie dat er docenten bedreigd zijn omdat zij de leer van het almachtige staatshoofd hadden durven verwerpen voor de 'nieuwlichterij' van de ministeriële verantwwoordelijkheid. Maar nu dan is er een nieuw liberaal politicus opgestaan, een tweede Thorbecke. Van deze Rutte behoeft niemand echter enige verbetering ter zake te verwachten. De man beweert met een stalen gezicht dat het grondwetsartikel betreffende de koninklijke onschendbaarheid niet bedoelde de macht van de koning door de minister in te tomen, maar omgekeerd : dat de koning de ministers en al dat volkse tuig in het parlement moest dwingen de koninklijke macht juist te versterken. Rutte is de anti-Thorbecke par excellence. Het is dan ook geen wonder dat er nu heel veel volwassen kiezers in een toestand van volkomen staatsrechtelijk-politieke onzekerheid verkeren. Met dank aan deze valse profeet.

Laten we het nogmaals héél duidelijk stellen:
het - in wezen onuitvoerbare - leerstuk van de koninklijke onschendbaarheid/ministeriële verantwoordelijkheid bedoelde van meet af aan de minister verantwoordelijk te houden voor alles wat de koning doet. Iedere rechtgeaarde conservatief heeft zich sindsdien tegen deze aantasting van 's konings 'goddelijke' macht verzet, in de eerste plaats de vorsten en hun familie zelf, maar óók de ministers en de Kamerleden die tot op de dag van vandaag uit angst voor de grote bek van de koning(in) en mischien ook wel uit angst voor electoraal verlies, capituleerden voor dat arrogante mens dat hier de dienst uitmaakt en dus vrijelijk zijn/haar gang kon gaan.

Achteraf is het verschrikkelijk dat het zover heeft kunnen komen. We kunnen aanvoeren dat Thorbecke om zijn grondwetswijziging te redden, natuurlijk concessies aan de koning en de conservatieven moest doen. Die concessies hielden in dat de tekst van de oude grondwet zou blijven bestaan maar dat een nieuw artikel (55) werd ingevoerd, bepalende dat overal waar in de oude grondwet het woord 'koning' stond voortaan 'de minister' moest worden gelezen. Willem III en zijn opvolgsters hebben niet nagelaten om voortdurend de tekst van de oude grondwet de ministers onder de neus te duwen. Zij briesten en gilden: 'lees wat er staat: ''de koning is hoofd van de regering; de koning stelt ministeriële departementen in; bij de koning berust de uitvoerende macht; de koning heeft het opperbestuur der buitenlandse betrekkingen; de koning heeft het oppergezag over zee- en landmacht; de koning heeft het opperberstuur der algemene geldmiddelen'''.., etc.etc. De slappelingen - geen portuur en vaak ook enkele graden fatsoenijker - hadden daartegen slechts een verwijzing naar art. 55 in te brengen, waarop Willem en Wilhelmina immer reageerden, dat 'ze dat verhaal onderhand wel kenden'.

thorbecke
De situatie anno 2011 is erger dan die van 1848.
Het parlementaire stelsel lijkt definitief ter ziele te gaan. En dat naar aanleiding van een koning(in) die haar privileges, geld en macht niet wil inleveren. Volgens haar hebben minister noch volksvertegenwoordiging ook maar iets te vertellen. Zij mogen het vuile werk doen, de koning - die definitief deel blijft uit maken van de regering - beslist. Rutte speelt het zelfs zo vals, dat hij de republikeinse terminologie van het ceremoniële koningschap tot de zijne heeft durven maken. Volgens deze godvergeten liberaal zijn het constitutionele en het ceremoniële koningchap onderling uitwisselbare termen. Hij en zijn Haagse kornuiten spelen taalkundige spelletjes - dan wel vuile trucs - met de grote politieke problemen alsof het gaat over het verschil tussen gerst en gort.

Zo mogelijk nog mooier maakt het de liberale minister Rosenthal, die de in de schijngevechten over de met de opvolgingskwestie nauw verbonden vraag hoe Maximá aangesproken moet worden namens het kabinet antwoordde 'dat ze geen koningin zal zijn, maar wel de aanspreektitel van koningin zal krijgen'. (???) Die kwestie was daarmee ook al weer geregeld. Het volk en de volksvertegenwoordiging zwegen.

Natuurlijk veschilt het koningschap mèt een koning in het centrum van de macht totaal van een koningschap waaruit de koning verwijderd is. Politiek Den Haag keutert maar wat af met als enige bedoeling het ceremoniële koningschap als een volwaardig alternatief - zij het onder een andere benaming - voor het constitutionele koningschap voor te stellen. In de geest van: het is eigenlijk helemaal niet van belang hoe je het beestje noemt.

Als volk van Nederland dienen wij, en wel met de grootste spoed, de discussie aan te gaan in onze familie, op straat, op de markt en in de supermarkt, met de politici op wie wij stemden en met de kranten die wij lezen.

Met deze site van Pro Republica in de hand moeten we Rutte c.s. duidelijk maken dat het verstandig is alle al vormen van koningschap geheel en zo spoedig mogelijk af te schaffen. Van de familie Amsberg vragen wij het potje snel van het vuur te nemen en het probleem niet verder te laten escaleren.

Wanneer u, mevrouw Amsberg, nu niet voor uzelf en uw gehele familie aftreedt, zal uw opvolger onder veel moeilijker omstandigheden daartoe gedwongen worden. Heeft u daar wel eens over nagedacht? Of denkt u dat wie dan leeft, dan zorgt?





ProRepublica doet haar uiterste best om alle rechthebbenden van tekst- en beeldmateriaal
gebruikt op deze website te achterhalen en te vermelden. Eventuele rechthebbenden die niet
vermeld zijn kunnen zich wenden tot ProRepublica. Waar gebruik is gemaakt van materiaal
van derden hebben wij getracht te achterhalen bij wie de rechten liggen volgens de
wettelijke bepalingen. Desondanks kan het voorkomen dat het materiaal niet voor publiek
gebruik is vrijgegeven. Uiteraard zullen wij dit materiaal op verzoek zo snel mogelijk
verwijderen indien daarvoor gegronde redenen bestaan.

Reageren? Momenteel is het door een technische storing niet mogelijk te reageren. Hier wordt aan gewerkt. 
Wel is het mogelijk via email te reageren. Excuses voor het ongemak.
Om te reageren klikt u HIER.
republiek republikeins koningin beatrix monarchie vs republiek rijks voorlichtingsdienst prins willem alexander