Pro Republica  republiek republikanisme AERM logo
 
Voorpagina Archief Leo Brabanticus Media-archief Boekbesprekingen Contact Links Zoeken Colofon rss Favoriet Disclaimer    
 

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en schrijf u in voor onze gratis nieuwsbrief.


Translate this page

Stuur dit artikel door    print-vriendelijke-versie
  
officiele klacht tegen psychiater Dhr. J.F.M. de Man en psycholoog Dhr. F.G. Schilder
door drs. M.L. Smits, 4 april 2011



NIFP Hoofdkantoor
t.a.v Directeur
Drs. E.P.J. Heijdelberg
Graadt van Roogenweg 348-350
3531 AH Utrecht

 

 

Betreft: officiele klacht tegen psychiater Dhr. J.F.M. de Man en psycholoog Dhr. F.G. Schilder

Boxtel, 28 maart 2011

 

Geachte heer Heijdelberg,

Onderstaand treft u een officiele klacht aan van de vereniging Pro Republica en haar leden.

Namens haar leden hebben mevr. drs. M.L. Smits (voorzitter) en Dr. H.Ph. Vogel (hoofdredacteur) de rechtszitting bijgewoond op 15 maart j.l. tegen de heer Erwin Lensink, beter bekend als de 'waxinelichthouderwerper'. Op de betreffende zittingsdag zijn de getuigendeskundigen van het NIFP gehoord, te weten psychiater J.J.F.M. de Man en psycholoog F.G. Schilder.

De zaak zal u ongetwijfeld bekend zijn, gezien de uitgebreide media-aandacht. Het betreft het proces tegen de man die op Prinsjesdag 2010 een waxinehouder tegen de gouden koets heeft gegooid. Gedragsdeskundigen zijn op zeker moment gevraagd de psychische gesteldheid van de dader te beoordelen.

Ofschoon wij formeel geen direct betrokkenen zijn in dit proces, zien wij ons genoopt om -op basis van de conclusies van beide heren- een klacht in te dienen. De gronden waarop zij hun conclusies baseren (waan, hoog recidief-risico, volledige ontoerekeningsvatbaarheid) zijn dermate verontrustend voor andere republikeinen, dat wij ons ernstig bedreigd voelen in onze overtuiging en gedachtengoed.

Uit hoofde van mijn functie als voorzitter van Pro Republica, maar ook als psychologe, ben ik -zacht uitgedrukt- onthutst door het optreden van de Man en Schilder. Op grond van ontoelaatbare en tendentieuze uitspraken en verklaringen van beide getuigen-deskundigen is nu op onterechte wijze de weg gebaand voor een mogelijk TBS-traject voor de heer Lensink.

Onderstaand terft u puntsgewijs onze klachten aan. Als leidraad hebben wij de “Wegwijzer Rapportage Pro Justitia' en de 'Beste Practice' van het NIFP gehanteerd, ter onderbouwing van onze klachten.

  1. In de 'Wegwijzer' wordt melding gemaakt van een 'Schema Rechtsgang'. Hierin worden de verschillende stappen, maar met name de maximale tijdsduur beschreven van strafbaar feit tot rechtszitting. De eerste afspraak met verdachte vond op 6 december 2010 plaats. Ruim drie maanden later, op 12 maart 2011 leveren beide heren hun rapportages in. Dit is ten eerste onacceptabel laat en niet conform het 'Schema Rechtsgang'. Maar kwalijker is de impliciete onzorgvuldigheid. Immers, in zijn verslag op 15 maart kwalificeerde psychiater de Man verdachte, op basis van een eenmalig gesprek van ca. 1 uur, als een 'sissende vulkaan'. Psycholoog Schilder beweerde -na een gesprek van een paar minuten met verdachte- dat 'je maar weinig tijd nodig hebt om vast te kunnnen stellen of iemand ontoerekeningsvatbaar is '. Deze diagnostische uitspraak en handelwijze lijkt ons a priori op gespannen voet staan met de beroepsethiek, die immers in de eerste plaats zorgvuldigheid voorschrijft. Zo de deskundigen al op 6 december van mening waren dat verdachte ontoerekeningsvatbaar was, dan had tenminste ogenblikkelijk een observatie-traject moeten worden ingezet. Dit verzuim is ontoelaatbaar en laadt de verdenking op de heren dat er wellicht een ander belang gediend moest worden.

  2. Bij de aanvang van het onderzoek heeft verdachte gebruik gemaakt van zijn recht medewerking te weigeren. Volgens de 'Wegwijzer' dienen de gedragsdeskundigen zich in dat geval te beperken tot een verslag van de weigering conform het rapportageformat. Aangezien de gedragsdeskundige dan blijft 'steken', zoals de 'Wegwijzer' zo beeldend uitdrukt, is overleg met een collega of jurist van het NIFP geboden. Dit is niet gebeurd. De heren hebben voortvarend de weigering geinterpreteerd naar eigen goeddunken en zich vooral gebaseerd op oudere stukken die zij niet eens hadden mogen opnemen in het dossier.

  3. Bij de aanvang van het onderzoek zijn ontoelaatbare fouten gemaakt. In de 'Wegwijzer' staat onder 'aanvang van het onderzoek' expliciet vermeld dat betrokkene geinformeerd dient te worden over zijn recht op inzage en correctie. Onder 'feedback en verzending rapportage' staat zelfs nadrukkelijk vermeld dat (concept)rapportage tijdig dient te geschieden in verband met feedback, de doorlooptijden en de geplande zitting op de rechtbank'. Dit is niet gebeurd. Bovendien was inzage en correctie onmogelijk uit te voeren, aangezien het rapport pas op 12 maart werd verzonden aan de advocate van verdachte, drie dagen voordat de rechtszitting plaatsvond op 15 maart! Deze -al dan opzettelijke- obstructie van de rechtsgang (zorgvuldig inzage hebben, corrigeren en zich voorbereiden op de behandeling van het rapport) is ontoelaatbaar, en de beroepsgroep van gedragsdeskundigen onwaardig. Het feit dat gedragsdeskundigen al dan niet moedwillig meewerken aan een dusbieuze rechtsgang is zeer kwalijk voor de positie die zij in het gehele proces dienen in te nemen.

  4. In de 'Wegwijzer' wordt melding gemaakt van de zogenaamde 'doorlooptijden'. Rapporten dienen tijdig ingeleverd te worden. De belangrijkste reden is 'de rechtszekerheid van de verdachte'. Deze doorloopptijden zijn herhaaldelijk geschonden, en daarmee is de rechtzekerheid van de verdachte al dan niet moedwillig aangetast.

  5. In de 'Wegwijzer' staat onder het kopje 'Contact met de advocaat'  dat de rechter-commissaris of de Officier van Justitie de opdrachtgever is. Om die reden moet de gedragsdeskundige zich niet laten verleiden tot het beantwoorden van vragen van de advocaat over het onderzoek maar hem/haar doorverwijzen naar de opdrachtgever voor de resultaten. Dit is uiteraard een uitstekende regel, maar neemt niet weg dat de advocate er wel recht op heeft om tijdig vragen te kunnen stellen aan de RC of de OvJ om vervolgens tijdig antwoorden te kunnen ontvangen. Dit heeft in het onderhavige geval niet plaatsgevonden; in die zin is de rechtsgang ondermijnd en is feitelijk sprake van al dan niet opzettelijke manipulatie.

  6. Het kopje 'Tarieven' in de Wegwijzer herinnerde mij aan een stuitende gebeurtenis tijdens het proces op 15 maart . Psychiater de Man bestond het om aan het eind van zijn verslag, in aanwezigheid van de heer Lensink, met zijn declaratie te wapperen daarbij de onsterfelijke woorden sprak: 'mag ik nog even een handtekening scoren bij de griffier?' Deze volstrekt onacceptabele vertoning van harteloosheid en geldzucht is niet in overeenstemming met de waardigheid van het beroep en past niet bij de ernst van de situatie, die toch een minimum aan pieteit en omgangsvormen vereist.

  7. De 'Best Practice' stelt onomwonden dat in het klinisch-psychologisch onderzoek het gesprekscontact een vitale, zo niet onontbeerlijke rol, inneemt. 'Het doel ervan is om na het onderzoek uitspraken te kunnen doen over mogelijk recidivegevaar' (blz. 32). Vaststaand feit is dat niet of nauwelijks gesprekken met de verdachte hebben plaatsgevonden, op grond waarvan enige valide uitspraak gedaan had mogen worden. Niettemin hebben de gedragsdeskundigen een hoog recidivegevaar vastgesteld (voortkomend uit zijn 'waan') en daaraan de conclusie verbonden dat verdachte volledig ontoerekeningsvatbaar is. 

  8. In de 'Wegwijzer' staat in de paragraaf  'besprekingen op het NIFP' dat 'Mochten uw inhoudelijke adviezen kunnen leiden tot een TBS, het verstandig is overleg te plegen met de jurist en/of disciplinegenoot van het NIFP. Het gaat immers om een zeer ingrijpende en verstrekkende maatregel, die levenslange gevolgen kan hebben'. Deze zogenaamde 'TBS-bespreking' is binnen de beroepsgroep feitelijk een morele must, maar het is onduidelijk of deze wel of niet heeft plaatsgevonden. Het gemak en de achteloosheid waarmee de gedragsdeskundigen volledige ontoerekeningsvatbaarheid diagnostiseerden en de facto een TBS-traject voorstelden is om die reden onacceptabel.

  9. In de Best Practice staat duidelijk: 'Actueel is de discussie over de vraag of de deskundige zich wel uit moet laten over de mate van vermindering van de toerekeningsvatbaarheid. Hij eigent zich daarmee immers een normatief oordeel toe dat feitelijk is voorbehouden aan de rechter. De deskundige draagt materiaal aan voor het toerekenen, te weten een antwoord op de vraag naar een ziekelijke stoornis of gebrekkige ontwikkeling van de geestesvermogens, en een antwoord op de vraag naar de doorwerking daarvan op het gedrag ten tijde van het plegen van het feit'. Het NIFP stelt zich op het standpunt dat 'het toerekenen van het delict uiteraard behoort tot het normatieve domein van de rechter'.
    Naar deze leidraad hebben op 15 maart beide gedragsdeskundigen duidelijk niet gehandeld. Onomwonden hebben beiden zich uitgesproken over de mate van toerekeningsvatbaarheid (nl volledige ontoerekeningsvatbaarheid) en daarmee ondeskundig en onbevoegd gehandeld.

  10. Eveneens uit Best Practice: 'Of de deskundige op basis van die gegevens een advies kan geven over de mate van vatbaarheid voor de toerekenening van een delict is ook ook niet onomstreden. Met name Van Koppen (2004)  neemt het standpunt in dat het moeilijk, zo niet onmogelijk is om met terugwerkende kracht onderzoek te doen naar het bestaan van een stoornis ten tijde van het plegen van een strafbaar feit, laat staan naar de invloed van die stoornis op de gedragskeuzemogelijkheden'.
    Op een dergelijke wetenschappelijke finesse en terughoudendheid hebben wij beide heren niet mogen betrappen, ondanks het feit dat verdachte herhaaldelijk heeft geuit dat zijn actie een symbolische handeling betrof die hij geheel compos mentis uitvoerde en dat hij zich ook bewust was van de conseqenties van aanhouding, sterker nog dat hij het daar ook willens en wetens op aanstuurde ivm gewenste media-aandacht. Alleen op grond daarvan zou een achteloze diagnose van volledige ontoerekeningsvatbaarheid onmogelijk moeten zijn geweest.

  11. Erwin Lensink schijnt volgens de gedragdeskundigen te lijden aan een 'waan'. Hij houdt er ideeen op na, die voor sommige Nederlanders net zo wezensvreemd zijn als bijvoorbeeld de Islam, hij is anti-monarchist. Waar de omschrijving van de Islam als 'waan' evenwel strafbaar is, kan iemands politieke overtuiging blijkbaar straffeloos als zodanig worden aangemerkt.

  12. Onder 'Gedragscodes gedragsdeskundigen' wordt gewezen op het gezondheidsrecht (WGBO en Wet BIG) en meer in het bijzonder op de regels die de beroepsgroep voorschrijft aan haar leden (NIP-codes, KNMG en NVvP). Deze gremia zullen in cc eveneens een klacht van ons ontvangen over de heren de Man en Schilder.

Mocht u om allerlei moverende redenen, al dan niet wetenschappelijke, de verslagen van de heren de Man en Schilder, live willen bekijken, dan raden wij u aan contact op te nemen met de Haagse Rechtbank. Het 8 uur durende proces is in zijn geheel op video opgenomen.

Op onze website kunt u eveneens een uitgebreid verslag lezen van het proces  op 15 maart; daarin worden de heren de Man en Schilder veelvuldig verbatim geciteerd: Het showproces

In afwachting van uw spoedige reactie teken ik met de meeste hoogachting,

 

 

Mevr.drs. M.L. Smits
Voorzitter

Pro Republica
De Strodekker 17
5283 NN Boxtel

cc: NvvP, NIP, KNMG

 





ProRepublica doet haar uiterste best om alle rechthebbenden van tekst- en beeldmateriaal
gebruikt op deze website te achterhalen en te vermelden. Eventuele rechthebbenden die niet
vermeld zijn kunnen zich wenden tot ProRepublica. Waar gebruik is gemaakt van materiaal
van derden hebben wij getracht te achterhalen bij wie de rechten liggen volgens de
wettelijke bepalingen. Desondanks kan het voorkomen dat het materiaal niet voor publiek
gebruik is vrijgegeven. Uiteraard zullen wij dit materiaal op verzoek zo snel mogelijk
verwijderen indien daarvoor gegronde redenen bestaan.

Reageren? Momenteel is het door een technische storing niet mogelijk te reageren. Hier wordt aan gewerkt. 
Wel is het mogelijk via email te reageren. Excuses voor het ongemak.
Om te reageren klikt u HIER.
republiek republikeins koningin beatrix monarchie vs republiek rijks voorlichtingsdienst prins willem alexander